NOTULEN VAN DE GEMEENTERAAD

 

Gemeente Bertem

 

Zitting van 26 november 2024

Van 20 uur tot 20.30 uur

 

Aanwezig:

Burgemeester:  Joël Vander Elst

Algemeen directeur:  Bart Devisch

Schepenen:  Marc Morris, Yvette Laes, Joery Verhoeven, Tom Philips

Raadsleden:  Jan De Keyzer, Joris Fonteyn, Karin Baudemprez, Wouter Fock, Diane Vander Elst, Maria Andries, Pieter Sempels, Iris De Smet, Roland Gustin, Jimmy Geyns, Sonia Stiasteny, Hans Neckebrouck, Roos De Backer, Jurgen Gyns, Bart Vander Elst

Voorzitter:  Eddy Vranckx

 


Overzicht punten

Zitting van 26 november 2024

 

ZITTINGEN GEMEENTERAAD. GOEDKEURING NOTULEN VORIGE ZITTING.

 

Juridische gronden

  • Artikel 32 van het decreet lokaal bestuur
    De gemeenteraad keurt, mits eventuele aanpassingen, de notulen en het zittingsverslag van de vorige raadszitting goed.
  • Artikel 33, §2 van het huishoudelijk reglement
    De gemeenteraad beslist om het zittingsverslag, zoals vermeld in artikel 278 van het decreet lokaal bestuur, te vervangen door een audio-opname van de openbare zitting van de gemeenteraad.
  • Artikel 34, §3 van het huishoudelijk reglement
    Elk gemeenteraadslid heeft het recht tijdens de vergadering van de gemeenteraad opmerkingen te maken over de redactie van de notulen van de vorige raadsvergadering. Als die opmerkingen door de gemeenteraad worden aangenomen, worden de notulen in die zin aangepast. Als er geen opmerkingen worden gemaakt over de notulen van de vorige raadsvergadering, worden de notulen als goedgekeurd beschouwd en worden ze ondertekend door de voorzitter van de gemeenteraad en de algemeen directeur.

 

 

Bijlagen

        Notulen van de zitting van 22 oktober 2024.

 

Besluit

 

Stemming punt

eenparig

 

Artikel 1:

De raad keurt de notulen van de zitting van 22 oktober 2024 goed.

 

 

 

Publicatiedatum: 20/12/2024
Overzicht punten

Zitting van 26 november 2024

 

INTERGEMEENTELIJKE SAMENWERKING. KENNISNAME HALFJAARLIJKS VERSLAG OVER DE ACTIVITEITEN VAN IVERLEK IN HET EERSTE SEMESTER VAN 2024.

 

Voorgeschiedenis

        E-mail van het vennootschapssecretariaat van Fluvius van 17 oktober 2024.

 

Juridische gronden

        Artikel 441 van het decreet lokaal bestuur
Een lid van de raad van bestuur of een door de raad van bestuur hiertoe gemandateerde brengt minstens tweemaal per jaar, tijdens een openbare vergadering van de gemeenteraad van elk van de deelnemende gemeenten, verslag uit over de uitoefening van de bevoegdheden en taken van de raad, en verstrekt toelichting bij het beleid van de dienstverlenende of opdrachthoudende vereniging.

 

 

Bijlagen

        Iverlek - Halfjaarverslag eerste semester 2024.

 

Besluit

Mededeling

Conform de bepalingen van het decreet lokaal bestuur brengen de leden van de bestuursorganen ten overstaan van hun gemeenteraad twee maal per jaar verslag uit over de uitoefening van hun mandaat en over het beleid van de opdrachthoudende vereniging. Het halfjaarlijks verslag m.b.t. de activiteiten van Iverlek in het eerste semester van 2024 wordt ter kennis gegeven aan de leden van de gemeenteraad.

 

 

Publicatiedatum: 20/12/2024
Overzicht punten

Zitting van 26 november 2024

 

INTERGEMEENTELIJKE SAMENWERKING. KENNISNAME HALFJAARLIJKS VERSLAG OVER DE UITOEFENING VAN DE MANDATEN EN HET BELEID VAN DE OPDRACHTHOUDENDE VERENGING RIOBRA.

 

Voorgeschiedenis

        E-mail van het vennootschapssecretariaat van Fluvius van 17 oktober 2024.

 

Juridische gronden

        Artikel 441 van het decreet lokaal bestuur
Een lid van de raad van bestuur of een door de raad van bestuur hiertoe gemandateerde brengt minstens tweemaal per jaar, tijdens een openbare vergadering van de gemeenteraad van elk van de deelnemende gemeenten, verslag uit over de uitoefening van de bevoegdheden en taken van de raad, en verstrekt toelichting bij het beleid van de dienstverlenende of opdrachthoudende vereniging.

 

 

Bijlagen

        Riobra - Halfjaarverslag eerste semester 2024.

 

Besluit

Mededeling

De gemeenteraad neemt kennis van het halfjaarlijks verslag van het eerste semester van 2024 over de uitoefening van hun mandaat en over het beleid van de opdrachthoudende vereniging Riobra.

 

 

Publicatiedatum: 20/12/2024
Overzicht punten

Zitting van 26 november 2024

 

INTERGEMEENTELIJKE SAMENWERKING. GOEDKEURING AGENDA BUITENGEWONE ALGEMENE VERGADERING INTERLEUVEN 11 DECEMBER 2024 EN VASTSTELLING MANDAAT GEMEENTELIJKE VERTEGENWOORDIGER.

 

Voorgeschiedenis

        Raadsbesluit van 29 januari 2019 over de aanstelling van de vertegenwoordiger voor de algemene vergadering van Interleuven.

        Uitnodiging van 4 oktober 2024 voor de bijzondere algemene vergadering van Interleuven van 11 december 2024, met bijhorende agenda en bijlagen.

 

Feiten en context

        De gemeente Bertem neemt deel aan de dienstverlenende vereniging Interleuven.

        Op 11 december 2024 om 19.00 uur wordt een buitengewone algemene vergadering van Interleuven gehouden met volgende agendapunten:
1. Samenstelling van het bureau
2. Goedkeuring verslag algemene vergadering d.d. 19 juni 2024
3. Strategie en te ontwikkelen activiteiten 2025
4. Begroting 2025
5. Diversen

 

Juridische gronden

        Artikel 41 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017

De aan de gemeenteraad toegewezen bevoegdheden inzake de intergemeentelijke samenwerkingsverbanden kunnen niet aan het college van burgemeester en schepenen worden toevertrouwd.

        Artikel 432 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017

De vaststelling van het mandaat van de vertegenwoordiger wordt herhaald voor elke algemene vergadering.

        Statuten van Interleuven, laatst gewijzigd op 18 januari 2023.

 

Argumentatie

Voor de buitengewone algemene vergadering van 11 december 2024 moet het mandaat van de gemeentelijke vertegenwoordiger worden vastgelegd.

 

 

Bijlagen

        Uitnodiging buitengewone algemene vergadering Interleuven en bijhorende bijlagen

 

Besluit

 

Stemming punt

eenparig

 

Artikel 1:

De gemeentelijke vertegenwoordiger op de buitengewone algemene vergadering van Interleuven van 11 december 2024 wordt gemandateerd om alle agendapunten goed te keuren.

 

 

 

Publicatiedatum: 20/12/2024
Overzicht punten

Zitting van 26 november 2024

 

INTERGEMEENTELIJKE SAMENWERKING. GOEDKEURING AGENDA ALGEMENE VERGADERING IGO 20 DECEMBER 2024 EN VASTSTELLING MANDAAT GEMEENTELIJKE VERTEGENWOORDIGER.

 

Voorgeschiedenis

        Raadsbesluit van 29 januari 2019 over de aanstelling van de vertegenwoordiger voor de algemene vergadering.

        Uitnodiging van 21 oktober 2024 voor de algemene vergadering van IGO van 20 december 2024, met bijhorende agenda en bijlagen.

 

Feiten en context

        De gemeente Bertem neemt deel aan de dienstverlenende vereniging IGO.

        Op 20 december 2024 om 17.30 uur wordt een algemene vergadering van IGO gehouden met volgende agendapunten:
1. Verslag Algemene Vergadering 21-06-2024
2. Begroting 2025 (document 1)
3. Jaarprogramma en toelichting bij begroting 2025 (document 2)
4. Toelichting bij de vernieuwing van de bestuursorganen (document 3)
5. Varia

 

Juridische gronden

        Artikel 41 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017

De aan de gemeenteraad toegewezen bevoegdheden inzake de intergemeentelijke samenwerkingsverbanden kunnen niet aan het college van burgemeester en schepenen worden toevertrouwd.

        Artikel 432 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017

De vaststelling van het mandaat van de vertegenwoordiger wordt herhaald voor elke algemene vergadering.

        Statuten van IGO, goedgekeurd door de algemene vergadering van 17 december 2021.

 

Argumentatie

Voor de algemene vergadering van 20 december 2024 moet het mandaat van de gemeentelijke vertegenwoordiger worden vastgelegd.

 

 

Bijlagen

        20241220_AV_Agenda

        20240621_AV_Verslag

        20241220_document_1_Begroting_2025_IGOdiv en IGO-Wvzw

        20241220_document_2_Toelichting_Begroting_IGO_div_en IGO-W_vzw

        20241220_document_3_Toelichting_Vernieuwing_Bestuursorganen

 

Besluit

 

Stemming punt

eenparig

 

Artikel 1:

De gemeentelijke vertegenwoordiger op de algemene vergadering van IGO van 20 december 2024 wordt gemandateerd om alle agendapunten goed te keuren.

 

 

 

Publicatiedatum: 20/12/2024
Overzicht punten

Zitting van 26 november 2024

 

RAAMCONTRACT. AANSLUITING OP DE AANKOOPCENTRALE VAN CIPAL DV VOOR DE AANKOOP VAN STANDAARD SOFTWARE AANGEBODEN VIA DE RAAMOVEREENKOMST VOOR DE VERWERVING VAN LICENTIES, GEBRUIKSRECHTEN, CLOUD ABONNEMENTEN, ONDERHOUDS- EN ONDERSTEUNINGSPROGRAMMA'S M.B.T. STANDAARD SOFTWARE EN BIJHORENDE DIENSTVERLENING.

 

Voorgeschiedenis

        De principiële beslissing van de raad van bestuur van Cipal dv van 26 oktober 2023 tot gunning via een openbare procedure van de overheidsopdracht waarvan het voorwerp bestaat uit “de verwerving van standaard software en bijhorende dienstverlening”.

        De in uitvoering van deze beslissing door de raad van bestuur van Cipal dv goedgekeurde opdrachtdocumenten, inzonderheid:

     het selectiedocument waar het stelt (punt 3.8): “Cipal dv zal in de zin van artikel 2, 6° van de Wet van 17 juni 2016 betreffende de overheidsopdrachten, in het kader van onderhavige opdracht kunnen optreden als aankoopcentrale voor alle deelnemers in de dienstverlenende vereniging Cipal. Deze besturen zullen zich, net als hun verenigingen en verzelfstandigde entiteiten, op de aankoopcentrale kunnen beroepen om een totaaloplossing in het kader van de te sluiten raamovereenkomst die het voorwerp uitmaakt van deze opdracht, af te nemen, zonder dat zij verplicht zijn af te nemen via deze raamovereenkomst.

     Cipal dv zal in het kader van onderhavige opdracht tevens kunnen optreden als aankoopcentrale voor (zonder dat deze entiteiten verplicht zijn af te nemen via deze raamovereenkomst) alle andere Vlaamse gemeente- en OCMW-besturen, hun verenigingen en verzelfstandigde entiteiten;

     Het bestek waar het stelt (punt 4.9): “Cipal dv oefent de overkoepelende leiding van en het overkoepelende toezicht op de uitvoering van de raamovereenkomst uit, terwijl de afnemer de leiding van en het toezicht op de levering van de door de afnemer geplaatste bestelling uitoefent.”

     Het bestek waar het stelt (punt 4.7): “Gezien de raamovereenkomst niet exclusief is, behoudt de opdrachtgever - net als elke andere afnemer - steeds de vrijheid om een bepaalde aankoop niet via het raamcontract maar volgens de gewone procedures, die de wet op de overheidsopdrachten toelaat, te voeren.”;

        De beslissing van de raad van bestuur van Cipal dv van 12 september 2024 waarbij voornoemde opdracht wordt gegund aan SoftwareONE BE bv met maatschappelijke zetel te Esplanade 1, 1020 Brussel.

        De voornoemde opdracht van Cipal dv “Raamovereenkomst voor de verwerving van licenties, gebruiksrechten, cloud abonnementen, onderhouds- en ondersteunings- programma’s m.b.t. standaard software en bijhorende dienstverlening” (Bestek nr. CSMRTSOFT23b) is een raamovereenkomst met één leverancier en Cipal dv treedt hierbij op als aankoopcentrale in de zin van artikelen 2,6° en 47 van de wet van 17 juni 2016;

        De gemeente kan van de mogelijkheid tot afname van de raamovereenkomst via de aankoopcentrale gebruik maken waardoor zij krachtens artikel 47, § 2 van de wet van 17 juni 2017 is vrijgesteld van de verplichting om zelf een gunningsprocedure te organiseren.

 

Feiten en context

Het lokaal bestuur is genoodzaakt om in functie van een performant IT-beleid op regelmatige basis licenties aan te kopen. De huidige beheerderslicentie met de leverancier is vervallen.

Het is opportuun om aan te sluiten bij een nieuwe raamovereenkomst waardoor het lokaal bestuur op een efficiënte en rechtsgeldige basis toegang verkrijgt tot standaardsoftware en diensten (gegund aan SoftwareOne BE).

 

Juridische gronden

        Wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen.

        Koninklijk besluit van 14 januari 2013 tot bepaling van de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten.

        Wet van 17 juni 2013 betreffende de motivering, de informatie en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten, bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten en concessies.

        Artikel 47 van de wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten. Een aanbestedende overheid die een beroep doet op een aankoopcentrale is vrijgesteld van de verplichting om zelf een plaatsingsprocedure te organiseren.

        Koninklijk besluit van 18 april 2017 betreffende plaatsing overheidsopdrachten klassieke sectoren.

        Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, meer bepaald artikels 326 tot en met 334 betreffende het bestuurlijk toezicht.

        Artikel 41, 10° van het decreet lokaal bestuur. De gemeenteraad is bevoegd voor het vaststellen van de plaatsingsprocedure en het vaststellen van de voorwaarden van overheidsopdrachten, tenzij de opdracht past binnen het begrip 'dagelijks bestuur'.

 

Argumentatie

Het is aangewezen dat de gemeente gebruik maakt van de aankoopcentrale om volgende redenen:

        de in de raamovereenkomst voorziene ICT-infrastructuur voldoen aan de behoeften van het lokaal bestuur;

        het lokaal bestuur moet zelf geen gunningsprocedure voeren wat een besparing aan tijd en geld betekent;

        Cipal dv beschikt over knowhow en technische expertise inzake de aankoop van licenties, gebruiksrechten, cloud abonnementen, onderhouds- en ondersteuningsprogramma’s m.b.t. standaard software door aanbestedende overheden;

        De gemeente is niet verplicht tot enige afname van de raamovereenkomst (geen afnameverplichting).

 

Financiële gevolgen

De aansluiting bij de aankoopcentrale van Cipal DV heeft geen financiële gevolgen. Er is op zich geen afnameverplichting.

 

 

Bijlagen

Meer informatie over de aankoopcentrale van Cipal DV waarbij het lokaal bestuur van Bertem wenst aan te sluiten is te consulteren via:

        https://www.c-smart.be/aankoopcentrale/aankoopcentrale-standaardhardware/

        https://www.c-smart.be/aankoopcentrale/standaardsoftware/

 

Besluit

 

Stemming punt

eenparig

 

Artikel 1:

De gemeente doet een beroep op de aankoopcentrale van Cipal dv voor de aankoop van standaard software aangeboden via de raamovereenkomst “Raamovereenkomst voor de verwerving vanlicenties, gebruiksrechten, cloud abonnementen, onderhouds- en ondersteuningsprogramma’s m.b.t. standaard software en bijhorende dienstverlening” (Bestek nr. CSMRTSOFT23b).

 

Artikel 2:

Het college van burgemeester en schepenen wordt belast met de verdere uitvoering van dit besluit.

 

 

 

Publicatiedatum: 20/12/2024
Overzicht punten

Zitting van 26 november 2024

 

RAAMCONTRACT. AANSLUITING OP DE AANKOOPCENTRALE VAN CIPAL DV VOOR DE VERWERVING VAN ICT INFRASTRUCTUUR EN BIJHORENDE DIENSTVERLENING.

 

Voorgeschiedenis

        De principiële beslissing van de raad van bestuur van Cipal dv van 7 april 2023 tot gunning via een openbare procedure van de overheidsopdracht waarvan het voorwerp bestaat uit “de verwerving van ICT-infrastructuur en bijhorende dienstverlening”.

        De in uitvoering van deze beslissing door de raad van bestuur van Cipal dv goedgekeurde opdrachtdocumenten, inzonderheid:

        het selectiedocument waar het stelt (punt 3.7): “Cipal dv zal in de zin van artikel 2, 6° van de Wet van 17 juni 2016 betreffende de overheidsopdrachten, in het kader van onderhavige opdracht kunnen optreden als aankoopcentrale voor alle deelnemers in de dienstverlenende vereniging Cipal. Deze besturen zullen zich, net als hun verenigingen en verzelfstandigde entiteiten, op de aankoopcentrale kunnen beroepen om een totaaloplossing in het kader van de te sluiten raamovereenkomst die het voorwerp uitmaakt van deze opdracht, af te nemen, zonder dat zij verplicht zijn af te nemen via deze raamovereenkomst.

        Cipal dv zal in het kader van onderhavige opdracht tevens kunnen optreden als aankoopcentrale voor (zonder dat deze entiteiten verplicht zijn af te nemen via deze raamovereenkomst) alle andere Vlaamse gemeente- en OCMW-besturen, hun verenigingen en verzelfstandigde entiteiten;

        Het bestek waar het stelt (punt 4.8): “Cipal dv oefent de overkoepelende leiding van en het overkoepelende toezicht op de uitvoering van de raamovereenkomst uit, terwijl de afnemer de leiding van en het toezicht op de levering van de door de afnemer geplaatste bestelling uitoefent.”

        Het bestek waar het stelt (punt 4.6): “Gezien de raamovereenkomst niet exclusief is, behoudt de opdrachtgever - net als elke andere afnemer - steeds de vrijheid om een bepaalde aankoop niet via het raamcontract maar volgens de gewone procedures, die de wet op de overheidsopdrachten toelaat, te voeren.”;

        De beslissing van de raad van bestuur van Cipal dv van 20 juni 2024 waarbij voornoemde opdracht wordt gegund aan Dustin Belgium NV met maatschappelijke zetel te Wingepark 5B, 3110 Rotselaar.

        De voornoemde opdracht van Cipal dv “Raamovereenkomst voor de verwerving van ICT infrastructuur en bijhorende dienstverlening" (Bestek nr. CSMRTINFRA23) is een raamovereenkomst met één leverancier en Cipal dv treedt hierbij op als aankoopcentrale in de zin van artikelen 2,6° en 47 van de wet van 17 juni 2016;

        De gemeente kan van de mogelijkheid tot afname van de raamovereenkomst via de aankoopcentrale gebruik maken waardoor zij krachtens artikel 47, § 2 van de wet van 17 juni 2017 is vrijgesteld van de verplichting om zelf een gunningsprocedure te organiseren.

 

Feiten en context

Het lokaal bestuur is genoodzaakt om in functie van een performant IT-beleid op regelmatige basis hardware te vernieuwen. Het is opportuun om aan te sluiten bij een nieuwe raamovereenkomst waardoor het lokaal bestuur op een efficiënte en rechtsgeldige basis toegang verkrijgt tot ICT infrastructuur en bijhorende dienstverlening (gegund aan Dustin Belgium).

 

Juridische gronden

        Wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen.

        Koninklijk besluit van 14 januari 2013 tot bepaling van de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten.

        Wet van 17 juni 2013 betreffende de motivering, de informatie en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten, bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten en concessies.

        Artikel 47 van de wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten. Een aanbestedende overheid die een beroep doet op een aankoopcentrale is vrijgesteld van de verplichting om zelf een plaatsingsprocedure te organiseren.

        Koninklijk besluit van 18 april 2017 betreffende plaatsing overheidsopdrachten klassieke sectoren.

        Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, meer bepaald artikels 326 tot en met 334 betreffende het bestuurlijk toezicht.

        Artikel 41, 10° van het decreet lokaal bestuur. De gemeenteraad is bevoegd voor het vaststellen van de plaatsingsprocedure en het vaststellen van de voorwaarden van overheidsopdrachten, tenzij de opdracht past binnen het begrip 'dagelijks bestuur'.

 

Argumentatie

Het is aangewezen dat de gemeente gebruik maakt van de aankoopcentrale om volgende redenen:

        de in de raamovereenkomst voorziene ICT-infrastructuur voldoen aan de behoeften van het lokaal bestuur;

        het lokaal bestuur moet zelf geen gunningsprocedure voeren wat een besparing aan tijd en geld betekent;

        Cipal dv beschikt over knowhow en technische expertise inzake de aankoop van ICT-infrastructuur;

        De gemeente is niet verplicht tot enige afname van de raamovereenkomst (geen afnameverplichting).

 

Financiële gevolgen

De aansluiting bij de aankoopcentrale van Cipal DV heeft geen financiële gevolgen. Er is op zich geen afnameverplichting.

 

 

Bijlagen

Meer informatie over de aankoopcentrale van Cipal DV waarbij het lokaal bestuur van Bertem wenst aan te sluiten is te consulteren via:

        https://www.c-smart.be/aankoopcentrale/aankoopcentrale-standaardhardware/

        https://www.c-smart.be/aankoopcentrale/standaardsoftware/

 

Besluit

 

Stemming punt

eenparig

 

Artikel 1:

De gemeente doet een beroep op de aankoopcentrale van Cipal dv voor de aankoop van ICT infrastructuur aangeboden via de raamovereenkomst “Raamovereenkomst voor de verwerving vanICT-infrastructuur en bijhorende dienstverlening” (Bestek nr. CSMRTINFRA23b).

 

Artikel 2:

Het college van burgemeester en schepenen wordt belast met de verdere uitvoering van dit besluit.

 

 

 

Publicatiedatum: 20/12/2024
Overzicht punten

Zitting van 26 november 2024

 

JAARREKENING. KENNISGEVING GOEDKEURING JAARREKENING 2023.

 

 

Bijlagen

        Gouverneursbesluit van 28 oktober 2024 houdende goedkeuring jaarrekening 2023.

        Begeleidende brief van de gouverneur van 28 oktober 2024.

        Bijlage bij de brief met aantal technische bemerkingen n.a.v. de goedkeuring van de jaarrekening 2023.

 

Besluit

Mededeling

De raad neemt kennis van het besluit van de gouverneur van de provincie Vlaams-Brabant van 28 oktober 2024 houdende de goedkeuring van de jaarrekening van het dienstjaar 2023 van gemeente en OCMW Bertem, evenals van de bijhorende begeleidende brief.

 

 

Publicatiedatum: 20/12/2024
Overzicht punten

Zitting van 26 november 2024

 

FINANCIËN. GOEDKEURING REGLEMENT BETREFFENDE DE FINANCIËLE COMPENSATIE VOOR INWONERS VAN BERTEM VAN ZWEMBEURTEN IN DE ZWEMBADEN VAN SPORTOASE VAN DE STAD LEUVEN.

 

Voorgeschiedenis

        Gemeenteraadsbesluit van 28 maart 2023 houdende goedkeuring van een algemene samenwerkingsovereenkomst met de stad Leuven.

        Gemeenteraadsbesluit van 27 februari 2024 houdende goedkeuring van een overeenkomst met de stad Leuven m.b.t. het gebruik van de zwembaden van de stad.

 

Feiten en context

        De door de gemeenteraad goedgekeurde overeenkomst m.b.t. het gebruik van zwembaden stelt scholen en zwemverenigingen van Bertem in staat om aan verlaagd tarief gebruik te maken van de Leuvense zwembaden. Ingevolge dezelfde overeenkomst kunnen inwoners van Bertem aan hetzelfde tarief als inwoners van Leuven gaan zwemmen in het zwembad van Kessel-lo, een zwembad beheerd door de stad zelf.

        Het voormelde gemeenteraadsbesluit van 27 februari 2024 stipuleerde reeds de bedoeling om de besparing op het schoolzwemmen in te zetten om inwoners van Bertem ook in de zwembaden Sportoase Leuven en Sportoase Wilsele aan hetzelfde tarief als inwoners van Leuven te laten zwemmen. Jammer genoeg kon met Sportoase geen overeenkomst worden bereikt om het beoogde tariefvoordeel rechtstreeks te verrekenen bij de betaling.

 

Juridische gronden

        Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder artikel 41, tweede lid, 23°. De gemeenteraad kan het vaststellen van subsidiereglementen niet toevertrouwen aan het college van burgemeester en schepenen.

 

Argumentatie

Door de grote diversiteit aan tariefformules (tickets, kaarten, abonnementen,...) en bovendien nog een verschil in tarifering tussen Sportoase Leuven en Sportoase Wilsele vormt het een moeilijk haalbare kaart om rechtstreeks tickets en dergelijke aan te kopen en vervolgens ze aan verlaagd tarief te verkopen aan inwoners. Omwille van hoofdzakelijk praktische overwegingen is het bijgevolg meer aangewezen om te voorzien in een subsidiereglement waarbij het verschil in tarief tussen inwoner en niet-inwoner van Leuven wordt terugbetaald aan inwoners van Bertem. Een dergelijke compensatieregeling is ook al van toepassing in een aantal andere gemeenten die zelf over geen zwembad beschikken.

 

Gehoord het voorstel van amendement zoals geformuleerd door schepen Philips om in artikel 4 ll. in functie van klantgerichtheid de volgende verduidelijking toe te voegen:

De aanvragen gebeuren hetzij door afgifte aan het onthaal van het gemeentehuis, hetzij via het online aanvraagformulier dat via de gemeentelijke website digitaal kan worden ingediend.

 

Financiële gevolgen

Registratiesleutel

Budgettair krediet

Beschikbaar

Geraamde uitgave

649910/0741-00

€ 5.000

€ 4.000

€ 4.000

 

 

Bijlagen

        Tarieven Sportoase Leuven en Sportoase Wilsele

 

Besluit

 

Stemming amendement

eenparig

 

Stemming punt

eenparig

 

Artikel 1:

De gemeente Bertem voorziet in een volledige financiële compensatie van het verschil in tarief tussen inwoners en niet-inwoners van Leuven voor inwoners van Bertem die gebruik maken van de zwembaden Sportoase Leuven en/of Sportoase Wilsele.

 

Artikel 2:

De aanvrager van de compensatie moet in Bertem wonen, maar kan de aanvraag wel indienen voor meerdere leden van het gezin.

 

Een gezin wordt beschouwd als bestaande uit hetzij één persoon die alleen leeft, hetzij uit twee of meer personen die, al dan niet door verwantschap aan elkaar verbonden, in één en dezelfde woning verblijven en er samenleven. Elk gezin heeft één referentiepersoon (gezinshoofd). Alle gezinsleden verbonden met eenzelfde referentiepersoon vormen één gezin.

 

Artikel 3:

De compensatie geldt voor alle tariefformules die op het zwemmen van toepassing zijn, dus ook op beurtenkaarten en abonnementen. De gemeente aanvaardt ter staving alleen geldige originele verantwoordingsstukken met vermelding van minstens één naam van een gezinslid van de aanvrager. Voorbeelden van verantwoordingsstukken zijn tickets, beurtenkaarten, abonnementen, bevestigingsmails van online reservaties,...

 

Artikel 4:

De aanvrager maakt voor zijn aanvraag gebruik van een formulier dat op de gemeentelijke website en aan het onthaal van het gemeentehuis ter beschikking zal worden gesteld. De verantwoordingsstukken worden als bijlage bij het aanvraagformulier gevoegd. De aanvragen gebeuren per kwartaal in de volgende periodes:

        Zwembeurten tussen 1 januari en 31 maart (eerste kwartaal): indiening mogelijk gedurende gans de aansluitende maand april.

        Zwembeurten tussen 1 april en 30 juni (tweede kwartaal): indiening mogelijk gedurende gans de aansluitende maand juli.

        Zwembeurten tussen 1 juli en 30 september (derde kwartaal): indiening mogelijk gedurende gans de aansluitende maand oktober.

        Zwembeurten tussen 1 oktober en 31 december (vierde kwartaal): indiening mogelijk gedurende de ganse maand januari van het daaropvolgende jaar.

 

De aanvragen gebeuren hetzij door afgifte aan het onthaal van het gemeentehuis, hetzij via het online aanvraagformulier dat via de gemeentelijke website digitaal kan worden ingediend.

 

Artikel 5:

De uitbetaling van de compensaties zal gebeuren binnen de 30 kalenderdagen na indiening van de aanvraag, tenzij de aanvraag niet voldoet aan de voorwaarden van dit reglement. In dat geval zal de gemeente de aanvrager hiervan schriftelijk op de hoogte brengen.

 

Artikel 6:

Dit reglement treedt in werking vanaf 1 januari 2025. De eerste periode van indiening zal bijgevolg plaatsvinden in april 2025 voor zwembeurten van het eerste kwartaal 2025.

 

 

 

Publicatiedatum: 20/12/2024
Overzicht punten

Zitting van 26 november 2024

 

RAAMCONTRACT. TOETREDING TOT DE AANKOOPCENTRALE VAN IGEMO AANGAANDE "DUURZAME VOERTUIGEN".

 

Voorgeschiedenis

        IGEMO, een intergemeentelijk samenwerkingsverband in de regio "Rivierenland", organiseerde een overheidsopdracht met als voorwerp het sluiten van een raamovereenkomst tot aankoop van duurzame voertuigen.

        De opdracht bestond uit verschillende percelen met de bedoeling om een zo divers mogelijk aanbod te creëren voor de diverse types van voertuigen (personenwagens, bestelwagens, lichte vrachtwagens, vrachtwagens met groot laadvermogen,...). De raad van bestuur gunde de opdracht in zitting van 28 januari 2022. Nadien werd de opdracht met diverse partijen gesloten op 19 april 2022. De looptijd van deze opdracht bedraagt 48 maanden.

 

Feiten en context

        IGEMO fungeert voor deze opdracht als aankoopcentrale in de zin van artikel 2, 6°, a) en 7°, b), van de wet van 17 juni 2016 betreffende de overheidsopdrachten. Een aanbestedende overheid die een beroep doet op een aankoopcentrale is vrijgesteld van de verplichting om zelf een plaatsingsprocedure te organiseren, conform artikel 47 §2 van dezelfde wet. In het kader van deze opdracht zijn gemeentebesturen opgenomen als entiteiten die gebruik kunnen maken van de raamovereenkomst.

        Interleuven, net als IGEMO een intercommunale die zich o.a. bezig houdt met streekontwikkeling, was nauw betrokken bij de organisatie van de overheidsopdracht en biedt tevens ondersteuning in het kader van de verdere uitvoering ervan. Interleuven ondersteunt met name de aangesloten besturen bij het ganse verloop van een eventuele aankoop, gaande van het zoeken naar een geschikt voertuig in functie van de behoeften en wensen van het bestuur, tot de begeleiding van de effectieve bestelling zelf.

 

Juridische gronden

        Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder artikel 41, tweede lid, 10°. De gemeenteraad is bevoegd voor het vaststellen van de plaatsingsprocedure en het vaststellen van de voorwaarden van overheidsopdrachten, tenzij de opdracht ressorteert onder het begrip "dagelijks bestuur".

        Wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten, in het bijzonder artikel 2, 6°, a), artikel 2, 7°, b) en artikel 47. Hierin is o.a. bepaald dat een aanbestedende overheid leveringen en/of diensten kan verwerven van een aankoopcentrale door gebruik te maken van een raamovereenkomst die gesloten is door de aankoopcentrale.

        Koninklijk besluit van 18 april 2017 betreffende plaatsing overheidsopdrachten klassieke sectoren.

 

Argumentatie

Gelet op de maatschappelijke trend om over te schakelen naar milieuvriendelijke voertuigen én het gedifferentieerd aanbod voor diverse types van duurzame voertuigen dat ter beschikking wordt gesteld in toepassing van de raamovereenkomst van IGEMO biedt de toetreding tot deze aankoopcentrale mogelijkheden voor de gemeente om haar voertuigenpark te "vergroenen". De overschakeling naar milieuvriendelijke voertuigen is als actie ingeschreven in het klimaatactieplan 2.0. De ondersteuning die Interleuven kan bieden in het kader van deze opdracht vormt zeker een meerwaarde. Bovendien houdt de toetreding tot de aankoopcentrale geen enkele verplichting tot aankoop in.

 

 

Bijlagen

        Bestek "Aankoopcentrale duurzame voertuigen".

        Gunningsverslag "Aankoopcentrale duurzame voertuigen".

        Documenten m.b.t. sluiting opdracht "Aankoopcentrale duurzame voertuigen".

 

Besluit

 

Stemming punt

eenparig

 

Artikel 1:

De gemeenteraad keurt de toetreding goed van de gemeente Bertem tot de aankoopcentrale van IGEMO, met zetel te 2800 Mechelen, Schoutetstraat 2, binnen de raamovereenkomst GUBES2100005 tot aankoop van duurzame voertuigen. De raamovereenkomst werd door IGEMO gesloten op 19 april 2022 en heeft een looptijd van 48 maanden.

 

Artikel 2:

Eventuele aankopen in toepassing van deze raamovereenkomst zullen ter goedkeuring worden voorgelegd aan het college van burgemeester en schepenen (aankopen die ressorteren onder het begrip "dagelijks bestuur") of aan de gemeenteraad (alle andere aankopen).

 

 

 

Publicatiedatum: 20/12/2024
Overzicht punten

Zitting van 26 november 2024

 

INVESTERINGSPROJECTEN. GOEDKEURING DADINGSOVEREENKOMST M.B.T. VERTRAGING UITVOERING NIEUWBOUW SCHOOL LEEFDAAL.

 

Voorgeschiedenis

        Gemeenteraadsbesluit van 29 maart 2022 houdende de goedkeuring van het ontwerp, de raming, de lastvoorwaarden en de gunningswijze voor de nieuwbouw school Leefdaal.

        Besluit van het college van burgemeester en schepenen van 22 augustus 2022 houdende de gunning van de werken voor nieuwbouw school Leefdaal.

        Besluit van het college van burgemeester en schepenen van 21 november 2022 houdende de goedkeuring van het ontwerp, de raming, de lastvoorwaarden en de gunningswijze van het gemeentelijk aandeel in de wegenis- en rioleringswerken Leefdaal Centrum - gedeelte Parochieweg.

        Besluit van het college van burgemeester en schepenen van 6 februari 2023 houdende de gunning van het gemeentelijk aandeel in de wegenis- en rioleringswerken Leefdaal Centrum - gedeelte Parochieweg.

 

Feiten en context

        De wegenis- en rioleringswerken in de Parochieweg te Leefdaal maken onderdeel uit van het alomvattende dossier wegenis- en rioleringswerken in Centrum Leefdaal. Omwille van de begin 2023 opgestarte uitvoering van de werken voor de nieuwbouw van de gemeentelijke kleuter- en basisschool diende de aanleg van de riolering in de Parochieweg voorafgaandelijk aan de nieuwbouw te gebeuren, met de bedoeling o.a. om de Parochieweg te gebruiken als werfweg voor de werken aan de nieuwbouw.

        De aan de eigenlijke wegenis- en rioleringswerken van Centrum Leefdaal voorafgaande uitvoering van de Parochieweg noopte tot een aparte overheidsopdracht, waarbij Fluvius optrad als aanbestedende entiteit, net zoals voor het latere alomvattende dossier. Het gemeentelijk aandeel in de uitvoering van de Parochieweg werd gegund bij collegebesluit van 6 februari 2023 aan aannemer Superbeton nv.

        De werken aan de Parochieweg vingen aan op 24 april 2023, maar de aangestelde aannemer Superbeton nv bleef op meerdere vlakken in gebreke en voerde de werken met zeer grote vertraging uit. De vastgelegde uitvoeringstermijn werd ruimschoots overschreden waardoor pas op 3 oktober 2023 de voorlopige oplevering kon gebeuren.

        De vertraging in de uitvoering van de werken aan de Parochieweg veroorzaakte eveneens een aanzienlijke vertraging in de uitvoering van de werken aan de nieuwbouw van de school, vermits de Parochieweg o.a. diende als (enige) werfweg voor de werken aan de nieuwbouw.

 

Juridische gronden

        (Oud) Burgerlijk Wetboek. Boek III: Wijze van eigendomsverkrijging. Artikelen 2044 tot en met 2058 betreffende de dading.

 Artikel 2044, eerste lid: De dading is een contract, waarbij partijen een gerezen   geschil beëindigen, of een toekomstig geschil voorkomen.

 Artikel 2052: Dadingen hebben tussen partijen kracht van gewijsde in hoogste aanleg.

        Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder de artikelen 40 en 41, tweede lid, 17°.

 De gemeenteraad beschikt over de volheid van bevoegdheid en kan het aangaan van   dadingen niet toevertrouwen aan het college van burgemeester en schepenen.

 

Adviezen

        Visum van de financieel directeur d.d. 7 november 2024.

 

Argumentatie

De opgelopen vertraging leidde voor de aangestelde aannemer voor de nieuwbouw van de school, Willemen Construct nv, tot een aanzienlijk financieel verlies. De aannemer berekende het verlies op gedetailleerde wijze in het voorstel verrekening nr. 17 in bijlage. Aangezien de vertraging, en het rechtstreeks daarmee gepaard gaande financieel verlies, buiten de wil en het toedoen van aannemer Willemen Construct nv tot stand kwam, is het niet billijk om Willemen Construct nv voor het geleden verlies te laten opdraaien, des te meer omdat deze aannemer zich zeer inschikkelijk opstelde n.a.v. de werken aan de Parochieweg.

 

De geleden financiële schade van de aannemer vormt echter evenmin het voorwerp van een door de opdrachtgever, zijnde de gemeente Bertem, gevraagde wijziging van de opdracht. Daarenboven is aannemer Superbeton nv, die rechtstreeks aansprakelijk is voor de vertraging en de geleden financiële schade, eind 2023 door de ondernemingsrechtbank van Leuven failliet verklaard, waardoor het onmogelijk is het financieel verlies (of een gedeelte ervan) te verhalen op deze aannemer. Daarom achten beide partijen, de gemeente en Willemen Construct nv, het aangewezen om m.b.t. de vertraging een dading af te sluiten, waarbij de gemeente het geleden financieel verlies als schadevergoeding betaalt aan Willemen Construct nv.   

 

Financiële gevolgen

Registratiesleutel

Budgettair krediet

Beschikbaar

Geraamde uitgave

0800-01/221007 (actie 32)

€ 6.914.953

€ 2.072.638,20

€ 164.935,01

 

 

Bijlagen

        Dadingsovereenkomst tussen Willemen Construct nv en gemeente Bertem.

        Verrekening voorstel nr. 17 houdende de berekening van het financieel verlies m.b.t. de vertraging van de werken aan de Parochieweg.

 

Besluit

 

Stemming punt

 

19 stemmen voor: Joël Vander Elst, Marc Morris, Yvette Laes, Joery Verhoeven, Tom Philips, Jan De Keyzer, Karin Baudemprez, Wouter Fock, Diane Vander Elst, Maria Andries, Pieter Sempels, Iris De Smet, Roland Gustin, Jimmy Geyns, Sonia Stiasteny, Hans Neckebrouck, Roos De Backer, Bart Vander Elst en Eddy Vranckx

2 onthoudingen: Joris Fonteyn en Jurgen Gyns

 

Artikel 1:

De gemeenteraad keurt de dadingsovereenkomst, tussen enerzijds Willemen Construct nv, met maatschappelijke zetel te 2800 Mechelen, Boerenkrijgstraat 133, en anderzijds de gemeente Bertem, in bijlage van dit besluit goed.

 

Artikel 2:

Het college van burgemeester en schepenen wordt gelast met de verdere uitvoering van deze overeenkomst, in het bijzonder de betaling van de schadevergoeding van € 164.935,01 die het voorwerp uitmaakt van deze overeenkomst.

 

 

 

Publicatiedatum: 20/12/2024
Overzicht punten

Zitting van 26 november 2024

 

VERWEZENLIJKING ROOILIJNPLAN CENTRUM LEEFDAAL. GOEDKEURING AKTEN.

 

Voorgeschiedenis

        Besluit van de gemeenteraad van 27 oktober 2020 houdende de definitieve vaststelling van het rooilijnplan Wegenis- en rioleringswerken Centrum Leefdaal met inbegrip van de goedkeuring van de bijhorende grondinnemingsplannen.

        Besluit van het college van burgemeester en schepenen van 21 december 2020 houdende de toewijzing van de opdracht voor de verwezenlijking van het voormelde rooilijnplan aan Land-Expert bv, Dr. V. De Walsplein 35/5, 3070 Kortenberg.

        Besluit van het college van burgemeester en schepenen van 16 oktober 2023 houdende de aanstelling van het kantoor van notarissen Mostaert, Maere en Van Elslande, Blijde Inkomststraat 24, 3000 Leuven, als notaris voor de opmaak van de akten ter verwezenlijking van de innames van het voormelde rooilijnplan en het verlijden van deze akten.

 

Feiten en context

        De grondinnemingsplannen horende bij het rooilijnplan bepalen het totaal aantal te realiseren innames op 67. De huidige aanleg van de Dorpstraat brengt mee dat de innames divers van aard zijn, gaande van kosteloze grondoverdrachten, een vergoeding voor de grondinnames tot een vergoeding voor de minwaarde van de gebouwen waarvan de toekomstige ontwikkelingsmogelijkheden beperkt worden als gevolg van de nieuwe rooilijn.

        De aangestelde landmeter-expert Land-Expert nv schatte de basisvergoeding voor een inname in woongebied op € 255/m². Het overgrote deel van de aangeschreven eigenaars verklaarde zich schriftelijk akkoord met de aangeboden vergoeding. Gezien de termijn verstreken tussen de akkoordverklaring en de ondertekening van de akte werden de grondwaardes verhoogd met 10%. 

 

Juridische gronden

        Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder artikel 41, §2, 11°. De gemeenteraad is bevoegd voor daden van beschikking over onroerende goederen.

        Het decreet van 13 december 2013 houdende de Vlaamse Codex Fiscaliteit, in het bijzonder artikel 2.9.6.0.3. Een vrijstelling van het verkooprecht wordt verleend voor overdrachten in der minne van onroerende goederen ten algemenen nutte o.a. aan de gemeenten.

        Het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen, in het bijzonder de artikelen 17 tot en met 19 m.b.t. het procedureverloop voor de vaststelling van rooilijnplannen.

 

Argumentatie

Aangezien de wegenis- en rioleringswerken effectief van start zijn gegaan, is het aangewezen om de innames waarover een akkoord bestaat met de eigenaars ook effectief te realiseren. Het aangestelde notariskantoor Mostaert, Maere en Van Elslande heeft reeds voor 27 innames de aktes verleden en 7 aktes zijn voorbereid. Voor de inname 65 is OCMW Bertem eigenaar en heeft de akte louter als voorwerp de affectatie naar het openbaar domein van de gemeente. De overige 6 innames gebeuren met vergoeding.

 

Financiële gevolgen

Registratiesleutel

Budgettair krediet

Beschikbaar

Geraamde uitgave

220000/0200-00 (actie 83)

€ 300 000

€ 300 000

€ 81 974

 

 

Bijlagen

        Grondinnemingsplan rooilijn Centrum Leefdaal

        Inname 4 akte

        Inname 11 akte

        Inname 22 akte

        Inname 35 akte

        Inname 51 akte

        Inname 52 akte

        Inname 65 akte (kosteloze affectatie naar openbaar domein)

 

Besluit

 

Stemming punt

eenparig

 

Artikel 1:

De gemeenteraad keurt de aktes in bijlage van dit besluit goed. De aktes hebben betrekking op de verwezenlijking van de innames in het kader van het rooilijnplan Wegenis- en rioleringswerken Centrum Leefdaal. Het betreft meer bepaald de volgende 7 aktes, goed voor de realisatie van 7 innames:

        Akte inname 4

        Akte inname 11

        Akte inname 22

        Akte inname 35

        Akte inname 51

        Akte inname 52

        Akte inname 65

 

Artikel 2:

Deze innames worden gedaan voor algemeen nut. De in te nemen delen worden onmiddellijk bij aankoop toegevoegd tot het openbaar domein.

 

Artikel 3:

Het aangestelde notariskantoor Mostaert, Maere en Van Elslande wordt gemandateerd om deze aktes te verlijden en de voorzitter van de gemeenteraad en de algemeen directeur worden gemachtigd om de gemeente Bertem te vertegenwoordigen bij het verlijden van de aktes.

 

 

 

Publicatiedatum: 20/12/2024
Overzicht punten

Zitting van 26 november 2024

 

RETRIBUTIES. GOEDKEURING RETRIBUTIEREGLEMENT OP DE DEELNAME AAN INITIATIELESSEN KLEUTERTURNEN INGERICHT DOOR HET GEMEENTEBESTUUR.

 

Voorgeschiedenis

 

Feiten en context

        De dienst vrije tijd organiseert sinds 2015 initiatielessenreeksen sport met als doel om voor inwoners een nieuw aanbod te creëren en anderzijds om jonge lesgevers de kans te geven om een initiatief op te starten in onze gemeente.

        De dienst vrije tijd rekent voor deze initiatielessenreeks kleuterturnen op 20 betalende deelnemers die telkens op zondag in sporthal van Leefdaal de lessen zouden kunnen volgen.

 

Juridische gronden

        Artikel 170, §4 van de grondwet

Geen last of belasting kan door de agglomeratie; de federatie van gemeenten en de gemeente worden ingevoerd dan door een beslissing van hun raad.

        Artikel 40, §3 van het decreet lokaal bestuur

De gemeenteraad stelt de gemeentelijke reglementen, waaronder de gemeentelijke belasting- en retributiereglementen, vast.

        Artikel 41, 2e lid, 14° van het decreet lokaal bestuur

De bevoegdheid van de gemeenteraad tot het vaststellen van de gemeentebelastingen en het vaststellen van de machtiging tot het heffen van de retributies en de voorwaarden ervan, inclusief verminderingen en vrijstellingen, is niet delegeerbaar naar het college van burgemeester en schepenen.

 

Adviezen

 

Argumentatie

Door nieuwe sporttakken te introduceren in de gemeente tracht de dienst vrije tijd het aanbod voor de inwoners te vernieuwen enerzijds en anderzijds worden nieuwe initiatieven ondersteund, zodat organisatoren niet alle risico's alleen moeten dragen.

Daarom zou de dienst vrije tijd willen overgaan tot het organiseren van een initiatielessenreeks kleuterturnen op zondagen voor kinderen van 2,5 tot 6jaar met verplichte  begeleiding van een volwassene.

De dienst tracht daarbij zo goed mogelijk kostendekkend te werken, zodat de uitgaven min of meer in verhouding staan tot de inkomsten. Daarbij wordt er gerekend op 20 deelnemers per les. De lessenreeks bestaat uit 8 lessen (einde maart - einde mei). De prijs van de les per deelnemer wordt vastgesteld op 48 euro dus 6 euro per lesuur (gedomicilieerd in Bertem) en 56 euro dus 7 euro per lesuur (gedomicilieerd buiten Bertem).

 

Financiële gevolgen

 

uitgaven:

registratiesleutel

budgettair krediet

beschikbaar

geraamde uitgave

613206/0741-00

nog te voorzien bij aanpassing MJP

nog te voorzien bij aanpassing MJP

€960

 

inkomsten:

registratiesleutel

budgettair krediet

beschikbaar

geraamde inkomsten

701008/0741-00

nog te voorzien bij aanpassing MJP

nog te voorzien bij aanpassing MJP

€960

 

 

Bijlagen

 

Besluit

 

Stemming punt

eenparig

 

Artikel 1:

Met ingang van 1 december 2024 wordt een retributie geheven voor de deelname van kleuters aan initiatielessen turnen, ingericht door het gemeentebestuur.

 

Artikel 2:

De retributie is verschuldigd door de persoon die deelneemt aan initiatielessenreeks kleuterturnen. De retributie moet worden betaald voor deelname aan een aangeboden lessenreeks. Er kan niet worden betaald voor aparte lessen als onderdeel van een lessenreeks.

 

Artikel 3:

De tarieven worden als volgt vastgesteld:

        Deelname door een kind gedomicilieerd in de gemeente Bertem: 48 euro per lessenreeks van 8.

        Deelname door een kind gedomicilieerd buiten de gemeente Bertem: 56 euro per lessenreeks van 8.

        Vanaf de tweede deelnemer in een gezin: een korting van 8 euro bij een initiatiereeks van minimum 8 lessen.

 

Artikel 4:

Het bedrag van de retributie wordt op volgende wijze geïnd:

        Online betalingen via de vrijetijdswinkel. In uitzonderlijke gevallen kan er aan de onthaalbalie in het gemeentehuis contant (cash of debetkaart) betaald worden.

        Er worden geen terugbetalingen gedaan in geval het kind niet deelneemt aan de initiatielessen, tenzij na voorlegging van een medisch attest.

 

Artikel 5:

Dit reglement treedt in werking vanaf 1 december 2024.

 

 

 

Publicatiedatum: 20/12/2024
Overzicht punten

Zitting van 26 november 2024

 

VERKAVELINGSVERGUNNING. GOEDKEURING GRATIS GRONDAFSTAND PRINS VAN STEENBERGLAAN VOOR EEN VERKAVELING GELEGEN TE 3060 BERTEM, PRINS VAN STEENBERGLAAN, SECTIE A NRS. 549S2, 559A, 560, 5702B, 5702A, 571X, 573C2.

 

Voorgeschiedenis

        De gemeenteraadsbeslissing van 24 september 1991 over de opdracht aan Interleuven tot het verwezenlijken van een sociale verkaveling Opstreek. Hierbij heeft Interleuven er zich toe verbonden om de verkoopsvoorwaarden en de prijs van de gronden te bepalen in samenspraak met het gemeentebestuur. Deze worden ter goedkeuring aan de gemeenteraad voorgelegd. Bij de verkoop hebben de inwoners van de gemeente of kandidaten afkomstig van de gemeente absolute prioriteit.

        Verkavelingsvergunning van 5 maart 1997 voor 49 bouwpercelen en de aanleg van de wegenis ter ontsluiting van deze percelen.

        De gemeenteraadsbeslissing van 30 maart 2004 over het principieel akkoord voor de verdere aansnijding van het woonuitbreidingsgebied om samen met Interleuven sociale woningen te realiseren in het kader van het gemeentelijk woonbeleid.

        Op 22 juni 2004 besliste de Bestendige Deputatie van Vlaams-Brabant in te stemmen met de aanvraag tot principieel akkoord (PRIAK) voor de ontwikkeling van het woonuitbreidingsgebied Opstreek.

        Stedenbouwkundige vergunning van 12 oktober 2009 voor het bouwen van 24 woningen.

        Stedenbouwkundige vergunning van 12 oktober 2009 voor de aanleg van de wegenis ter ontsluiting van 24 woningen.

        Op 29 maart 2022 verleende de gemeenteraad haar principieel akkoord voor de verdere aansnijding van het woonuitbreidingsgebied 'Opstreek 2 fase II' om samen met Interleuven 12 sociale bouwpercelen te realiseren in het kader van het gemeentelijk woonbeleid en maakt deze beslissing over aan de deputatie en keurt de gemeenteraad het verkoopreglement van januari 2022 voor het woonproject 'Opstreek fase II - 12 kavels' goed.

        Op 13 maart 2023 werd een vergunning verleend voor het verkavelen van gronden van percelen gelegen in 3060 Bertem, Prins van Steenberglaan, sectie A nrs. 573a2, 571t, 558f, 558h, 556f, 557f voor het ontwikkelen van 12 kavels.

 

Feiten en context

        Op 7 juni 2024 heeft Patrick Willems voor Interleuven een omgevingsaanvraag ingediend voor het verkavelen van gronden voor percelen gelegen in 3060 Bertem, Prins van Steenberglaan, sectie A nrs. 549S2, 559A, 560, 5702B, 5702A, 571X, 573C2.

        Op 1 juli 2024 werd de aanvraag volledig en ontvankelijk verklaard.

        Op 12 september 2024 werd een nieuwe versie ingediend naar aanleiding van een ongunstig advies van Fluvius. Deze versie werd aanvaard op 13 september 2024. Naar aanleiding van deze nieuwe versie werd opnieuw advies gevraagd aan Fluvius. Een tweede openbaar onderzoek was niet vereist. De nieuwe versie kwam tegemoet aan het ongunstig advies.

        Het goed is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd gemeentelijk plan van aanleg of gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan. Het blijft de bevoegdheid van de overheid de aanvraag te toetsen aan de gebruikelijke inzichten en noden betreffende een goede aanleg van de plaats, gebaseerd op de voorschriften van het van kracht zijnde gewestplan.

        Het project is volgens het gewestplan Leuven gelegen in woonuitbreidingsgebied.

        De woonuitbreidingsgebieden zijn uitsluitend bestemd voor groepswoningbouw zolang de bevoegde overheid over de ordening van het gebied niet heeft beslist, en zolang, volgens het geval, ofwel die overheid geen besluit tot vastlegging van de uitgaven voor de voorzieningen heeft genomen, ofwel omtrent deze voorzieningen geen met waarborgen omklede verbintenis is aangegaan door de promotor (artikel 5 van het koninklijk besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en de toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen).

        Volgens VCRO art. 5.6.6 §2 kan "buiten de gevallen, vermeld in §1, en onverminderd de gevallen, toegelaten bij artikel 5.1.1 van het koninklijk besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en de toepassing van de ontwerp-gewestplannen en gewestplannen, een omgevingsvergunning voor het bouwen van woningen of voor het verkavelen van gronden in woonuitbreidingsgebied eerst worden afgeleverd, indien de aanvrager beschikt over een principieel akkoord van de deputatie." Deze regelgeving is van toepassing op dossiers die op volledig en ontvankelijke wijze zijn ingediend ten laatste op 7 juli 2024. Dit was het geval in voorliggend geval.

        Op 22 juni 2004 besliste de Bestendige Deputatie van Vlaams-Brabant in te stemmen met de aanvraag tot principieel akkoord voor de ontwikkeling van het woonuitbreidingsgebied Opstreek. In haar PRIAK vraagt de provincie om naar een grotere verdichting te streven met een richtdichtheid van 25 woningen per hectare en te werken aan het doelgroepenbeleid.

        De voorliggende aanvraag betreft de ontwikkeling van 10 kavels voor bebouwing binnen dit principieel akkoord. De verkaveling is de laatste fase van de ontwikkeling binnen dit principieel akkoord.

        Het project is gelegen langsheen de Prins van Steenberglaan, een verbindingsweg tussen de Weygenstraat en de eerdere ontwikkelingen ter hoogte van Pruimendelle en Alsemberglaan. Doorgaand verkeer is er niet mogelijk vanwege een knip. De directe omgeving bestaat uit diverse typologieën en typerende woningen langsheen de wijken Alsemberg en Pruimendelle. Door de aanwezige bebouwing en de aanwezige infrastructuur is de ordening van het gebied bekend.

        Het project omvat het verkavelen van gronden op een terrein van ongeveer 1,2 ha in 9 kavels voor ééngezinswoningen, 1 kavel voor sociale woningbouw en 1 kavel voor publiek groen.

        Loten 1 tot en met 9 omvatten 9 ééngezinswoningen in 3 blokken die ontsluiten via de Prins van Steenberglaan. De perceelgrootte varieert van ongeveer 2a 64ca tot 3a 97ca. De gevelbreedte aan de straat bedraagt 8 m voor de gesloten en 7 m voor de halfopen bebouwing. Ter linker- en rechterzijde wordt steeds 3 m bouwvrije strook voorzien. Carports zijn niet toegestaan. De woningen bestaan uit 2 bouwlagen onder verplicht hellend dak over de eerste 10 m. De kroonlijsthoogte bedraagt 6,5 m voor de eerste 10 m en 3,5 m voor de eventueel bijkomende 2 m onder plat dak. De woningen hebben een bouwdiepte van minimaal 10 m en maximaal 12 m, met verplicht te volgen voorbouwlijn op 5,5 m van het openbaar domein om zodoende voldoende ruimte te laten voor parkeren. Bijgebouwen zijn beperkt tot 20 m².

        Lot 10 wordt rechtstreeks ontsloten via de Alsemberglaan of de Pruimendelle zonder verdere aanleg van wegenis en heeft een oppervlakte van 74are 42ca. Zowel compacte ééngezinswoningen als meergezinswoningen zijn mogelijk. De woonmaatschappij Woontrots zal samen met de gemeente de ruimtelijke kwaliteit van dit project beoordelen. Er worden minimaal 21 woningen gerealiseerd. Minimaal 30% van deze kavel dient als collectieve groene ruimte ingericht te worden. Er dient minstens een publiek pad te worden voorzien dat een verbinding maakt met lot 11 en een publiek pad dat langs de achterzijde van de kavels 1 tot en met 9 loopt. Maximaal 2 bouwlagen en een derde van de voor- en achtergevel teruggetrokken bouwlaag onder een hoek van 45° zijn toegelaten. Eventuele meergezinswoningen dienen op minimaal 15 m van de rooilijn te worden ingeplant en worden in een groen kader uitgevoerd. Maximaal 2 bouwvolumes zijn toegelaten. Eéngezinswoningen worden maximaal geschakeld.

        Lot 11: Deze zone gelegen aan de Prins van Steenberglaan wordt ingericht als publiek toegankelijk ingegroende open ruimte.

        Evenwijdig met de Prins van Steenberglaan wordt ter hoogte van de 9 woningen op loten 1 tot en met 9 een dienstriool voorzien dewelke aanpikt op de bestaande riolering van de Prins van Steenberglaan. Hierdoor wordt een strook met een breedte van 2,5 m bijkomend overgedragen naar het openbaar domein. De totale oppervlakte van de over te dragen wegenis komt daarmee op 1712 m². Bovengronds wordt deze strook afgewerkt met grasdallen ter hoogte van de opritten van de woningen en onderhoudsvriendelijke grassen op de resterende oppervlakte. Dit element van grondafstand wordt voorgelegd ter goedkeuring aan de gemeenteraad.

 

Juridische gronden

        Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017. Artikel 41 over de bevoegdheden van de gemeenteraad.

        Vlaamse codex ruimtelijke ordening van 15 mei 2009. Artikels 4.2.15 en 4.2.17.

        Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014. Artikels 6, 15, 17, 20, 23, 24 en 31.

        Decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen.

 

Openbaar onderzoek

        De aanvraag werd van 18 juli 2024 tot en met 16 augustus 2024 openbaar gemaakt volgens de regels vermeld in het uitvoeringsbesluit tot uitvoering van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning.

        Er werden drie bezwaarschriften ingediend. Deze bezwaren hebben geen betrekking op de aanleg van de riolering noch op de overdracht naar het openbaar domein.

 

Adviezen

In het kader van de aanvraag tot omgevingsvergunning voor het verkavelen van de gronden, werden de volgende adviezen ontvangen die geen rechtstreeks verband houden met de aanleg van de riolering en de bijhorende overdracht:

        Op 3 juli 2024 heeft De Watergroep een voorwaardelijk gunstig advies gegeven.

        Op 18 juli 2024 heeft Wyre een voorwaardelijk gunstig advies gegeven.

        Op 20 augustus 2024 heeft Proximus een gunstig advies gegeven.

        Op 28 oktober 2024 heeft de Gecoro een voorwaardelijk gunstig advies gegeven.

 

In het kader van de riolering heeft Fluvius op 30 juli 2024 een ongunstig advies gegeven, met name:

        De impact bij aansluiting van onderliggend project op onze openbare riolering kan onvoldoende ingeschat worden, onder meer een technische omschrijving van de rioleringswerken ontbreekt.

        Het dossier is niet op voorhand met Fluvius besproken en zonder voorafgaandelijk preadvies opgeladen in het omgevingsloket.

        De aanvraag omvat een combinatie van een perceel voor van meerdere woningen op 1 perceel en aanpassingen op een verkaveling die voorziet in een herschikking van de loten en bijkomende loten.

        De wachtaansluitingen die geplaatst werden voor de initieel vergunde verkaveling “Alsemberglaan Opstreek” voldoen door deze herschikkingen niet meer. Deze aanpassen heeft een ingrijpende impact op de bestaande riolering, die om deze aansluitingen te kunnen realiseren op meerdere plaatsen dient te worden doorgezaagd, opgebroken en aangepast. Dit heeft tevens ook een ingrijpende impact op de wegenis.

        Derhalve wordt er de voorkeur aan gegeven om dit maximaal via dienstriolen op te lossen.

        Er wordt geadviseerd om alle uitbreidingen en aanpassingen aan de riolering zoals voorzien in het projectreglement te laten uitvoeren op initiatief en op kosten van de verkavelaar. Hiertoe dient voorafgaand aan de werken in samenspraak met Fluvius een ontwerpdossier voor opgemaakt. Voor de dienstriolering ter hoogte van de individueel aan te sluiten loten wordt een grondafstand gevraagd. Aangezien dit impact heeft op de voorgestelde lotindeling en aangezien voor lot 10 geen rioleringsconcept is uitgewerkt, wordt ongunstig geadviseerd.

 

Naar aanleiding van bovenstaand ongunstig advies werd een aangepaste projectinhoudsversie aangeleverd. Vervolgens werd het dossier opnieuw ter advisering voorgelegd aan Fluvius.

Op 22 oktober heeft Fluvius een tweede advies uitgebracht gebaseerd op de gewijzigde projectinhoudversie van 12 september 2024. Dit advies is voorwaardelijk gunstig en luidt als volgt:

        Bij deze verleent Fluvius voorwaardelijk gunstig advies aan het rioleringsontwerp opgesteld door Interleuven op datum van 28/08/2024 voor de aanleg van de riolering. Dit advies is gebaseerd op het projectreglement riolering, terug te vinden op de Fluvius website en goedgekeurd door de Raden van Bestuur van Fluvius Limburg, Fluvius West, Fluvius Antwerpen en Riobra. Dit advies is 2 jaar geldig vanaf de datum van opstelling door Fluvius riolering en voor zover er geen wijzigingen aan het project worden doorgevoerd. Indien het project niet is uitgevoerd binnen deze periode, dient het ontwerp geactualiseerd te worden aan de op dat moment geldende wetgevingen en richtlijnen van Fluvius riolering en nutsleidingen. Dit advies doet geen uitspraak over of nazicht op de ontworpen riolering op het privégedeelte. Via de website van vmm kan u eenvoudig nakijken in welke cluster het perceel zich bevindt en de daaraan gekoppelde verplichtingen inzake septische putten.

Opmerkingen aangaande het dossier

        De DWA-dienstriool diam. 250 voor de loten 1 t.e.m. 8 dient in gres voorzien te worden ipv in PVC en met een helling van 10mm/m.

        DWA01 dient voorzien te worden van een ruime Y-vormige vloei, geen 90° aansluitingen.

        Bij de toekomstige ontwikkeling van Lot 10 dient er gebruik gemaakt te worden van de bestaande wachtaansluitingen. Lot 11 is momenteel niet voorzien voor ontwikkeling maar zal worden ingericht als ingegroende open ruimte.

        De dienstleidingen DWA en RWA voor de Loten 1 t.e.m. 9 liggen in zone waar grondafstand aan de gemeente zal geregeld worden via rooilijnplan dd. 05/09/2024 (toekomstig openbaar domein).

        Lot 9 dient aan te sluiten op de voorziene wachtaansluitingen thv de rooilijn met Pruimendelle.

        Het bestek met bijhorende meetstaat, de materiaalkeuze en de uitvoeringsmethoden dienen, conform het typebestek van Fluvius ( laatste versie) opgesteld te worden. Deze vereisten dienen ter goedkeuring aan Fluvius overgemaakt worden en blijven steeds geldig. Het technische dossier dient door Fluvius goedgekeurd te zijn voor het in uitvoering kan gaan. Bestek en meetstaat dienen voor uitvoering ter goedkeuring te worden voorgelegd aan Fluvius.

        De aanvrager dient deze opmerkingen te verwerken in het dossier. Fluvius zal dit controleren voor uitvoering. Wijzigingen aan het dossier ten gevolge van opmerkingen van andere vergunningsverleners dienen altijd aan Fluvius gemeld te worden wanneer dit implicaties heeft op de riolering. Fluvius zal niet zonder meer de wijzigingen goedkeuren en aanvaarden!

Ligging volgens het zoneringsplan

        Collectief geoptimaliseerd buitengebied. Na uitvoering van de verkaveling sluit het vuilwaterstelsel van de verkaveling aan op een vuilwaterriool in reeds collectief geoptimaliseerd buitengebied of centraal gebied. Hiermee behoren de toekomstige loten volgens het definitief zoneringsplan tot het collectief geoptimaliseerd buitengebied.

Bijkomende bepalingen

        De initiatiefnemer voorziet in het bestek dat Fluvius toezicht uitoefent op de rioleringswerken, meer in het bijzonder dienen de waterdichtheidsproeven en de slagsondes in aanwezigheid van de toezichter van Fluvius, uitgevoerd te worden. De initiatiefnemer verbindt zich hiertoe deze proeven zo uit te laten voeren en verklaart zich hiermee akkoord.

        Indien de resultaten van de zandcementproef niet de vereisten waarden uit het SB250 v 4.1 halen, zijn de resultaten niet aanvaardbaar en zal de overdracht van de riolering naar Fluvius geweigerd worden. De eenheidsprijs voor de fundering en omhulling in zandcement voor de berekening van de rafactie, voor Fluvius, is 15 €/lm voor de DWA-leiding, 25 €/lm voor de RWA-leiding, en 5 €/lm voor huisaansluitingen.

        De camera-inspectie van de volledige riolering en van alle DWA huisaansluitingen en 20% van de RWA- en kolkaansluitingen dient door een erkend labo uitgevoerd te worden, volgens de beschrijving van het SB 250 en de aanvullingen in het Fluvius typebestek.

        Huis-, kolk- en wachtaansluitingen worden in principe uitgevoerd op een diepte van 1,3 m onder het maaiveld en sluiten boven (12u) op de hoofdriolering aan. De aansluitingen dienen gemaakt te worden met een Y-stuk in plaats van een T-stuk.

        Fluvius levert de huisaansluitputjes. Om beschadigingen hieraan te voorkomen, dient er na de plaatsing ervan rond de putjes een grondophoging voorzien te worden ( aanaarden). Deze huisaansluitputjes dienen geplaatst te worden zoals op de door Fluvius goedgekeurde plannen. Indien tijdens de uitvoering en/of na einde der werken blijkt dat de putjes verkeerd geplaatst zijn, zal Fluvius de werkelijke verplaatsingskost doorrekenen aan de initiatiefnemer. Wanneer er bovendien na het einde der werken, een herverkaveling plaatsvindt, waardoor er bijkomende putjes nodig zijn, zal Fluvius ook deze werkelijke kost aan de initiatiefnemer doorrekenen.

        De inspectieputten dienen voorzien te zijn van een traploos regelbare afdekkingsinrichting, zoals opgenomen in het Vlariobestek 3.1.1 ( H3 Materialen – 12.4.2.4.).

        De initiatiefnemer dient zoals opgenomen in de Praktische Leidraad, drie coördinatievergaderingen met alle partijen te beleggen: een eerste bij het voorontwerp, een tweede bij het ontwerp en een derde na aanbesteding en vóór de aanvang der werken. De uitnodigingen voor Fluvius dienen verstuurd te worden 21 dagen vóór de vergadering, naar riolering.centrum@fluvius.be

        De initiatiefnemer nodigt de regio-ingenieur Steven Ferson uit op de startvergadering met de aannemer, min. 21 dagen vóór de startvergadering.

        De aanwezigheid van een afgevaardigde van Fluvius voor de aanvaarding van de uitgevoerde werken is een vereiste.

        Ten laatste een week vóór de voorlopige oplevering, dienen volgende documenten aan de toezichter van Fluvius overhandigd te worden: werfverslagen, postinterventiedossier met as built, proefresultaten en attesten, huisaansluitfiches met de foto’s. Tevens zal ondergetekende de ontwerpplannen en de as-builtplannen met aanduiding van de huisaansluitingen en wachtaansluitingen, digitaal ( ACAD) aanleveren.

 

Interne adviezen

        De dienst investeringsprojecten geeft zijn voorwaardelijke goedkeuring voor vernoemd dossier op 23 oktober 2024. De voorwaarden die worden opgelegd zijn:

        De overeenkomst tussen het lokaal bestuur en de verkavelaar is ingevuld en ondertekend door beide partijen alvorens de werken aanvangen. In deze overeenkomst staan de bepalingen beschreven waar de verkavelaar aan moet voldoen. Het gaat om de overeenkomst “Overeenkomst verkaveling – met aanleg van wegenis en bijhorigheden in 1 fase goedgekeurd door de gemeenteraad op 29 september 2020.

        Dat bij de opmaak van de akte van overdracht voor de delen naar het openbaar domein (aangeduid op plan “802 Verkaveling Opstreek fase 4 rooilijnplan” van 5/09/2024) alle nog niet overgedragen delen uit de vorige fases ook mee worden overgedragen in een en dezelfde akte. Alle acties nodig voor deze overdracht zijn ten laste van de verkavelaar. Het gaat over perceel Bertem – Afdeling 1 sectie A nr. 549 S2 dat vandaag ook nog eigendom is van Interleuven.

 

Argumentatie

        Overeenkomstig artikel 31 van het Omgevingsvergunningsdecreet dient de gemeenteraad een besluit over de zaak van de wegen te nemen, als de aanvraag de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg omvat. In voorkomend geval dient dergelijk besluit genomen te worden, vooraleer het vergunningverlenende bestuursorgaan zich uitspreekt over de vergunningsaanvraag zelf. Deze bevoegdheid komt exclusief en autonoom toe aan de gemeenteraad en moet worden onderscheiden van de bevoegdheid van het college in die zin dat enkel deze laatste over de opportuniteit van de vergunning kan oordelen. Het komt bijgevolg niet aan de gemeenteraad toe om zich uit te spreken over de planologische toelaatbaarheid van het aangevraagde, de overeenstemming met stedenbouwkundige voorschriften of het al dan niet verenigbaar karakter van de aanvraag met de goede ruimtelijke ordening. De gemeenteraad kan bijgevolg enkel uitspraak doen over de zaak van de wegen, zonder zich over de vergunningsaspecten te mogen buigen. Daarbij dient de gemeenteraad kennis te nemen van de standpunten, opmerkingen en bezwaren die tijdens het openbaar onderzoek ingediend zijn. De gemeenteraad dient de bezwaren te behandelen die betrekking hebben op deze aspecten van de zaak van de wegen. De zaak van de wegen omvat daarbij niet limitatief het bepalen van het tracé van de wegen, de uitrusting ervan, de rooilijnen, nutsleidingen, voetpaden en wegboorden, parkeerplaatsen, enz. Ook een voorziene gratis grondafstand dient door de gemeenteraad te worden beoordeeld.

        Voorliggende aanvraag omvat een bijkomende overdracht naar het openbaar domein via een gratis grondafstand. In een eerder dossier van dezelfde aanvrager werd voorzien in de aanleg van wegenis, onder andere de Prins van Steenberglaan. Middels voorliggend dossier wordt de Prins van Steenberglaan ter hoogte van de geplande 9 ééngezinswoningen uitgebreid over een breedte van 2,5 m. De totale oppervlakte van de over te dragen Prins van Steenberglaan komt daarmee op 1712 m². Ook de omliggende straten behoren tot een eerder dossier en werden tot heden niet overgedragen naar het openbaar domein. In het kader van voorliggend dossier wordt aan de aanvrager opgelegd om meteen het ganse dossier van overdracht af te werken.

        De specifieke reden voor de bijkomende grondafstand betreft de aanleg van een dienstriool op advies van Fluvius. In het project wordt naast de bestaande een bijkomende riool voorzien waarop de ééngezinswoningen aansluiten. De dienstriool zelf wordt aangesloten op het bestaande stelsel. Bijkomend legt Fluvius als voorwaarde op dat slechts 8 woningen aangesloten worden op de dienstriool. De 9e woning dient aan te sluiten via de Pruimendelle. Bovengronds wordt door de verkavelaar de nodige verharding in grasdallen voorzien ten behoeve van de aansluiting van de private opritten naar het openbaar domein. Het resterende oppervlakte dient ingezaaid te worden met onderhoudsvriendelijke grassen.

 

 

Bijlagen

 

Besluit

 

Stemming punt

eenparig

 

Artikel 1:

De raad neemt kennis van de resultaten van het openbaar onderzoek waaruit blijkt dat er geen ingediende bezwaren handelen over de wegenis.

 

Artikel 2:

De voorgestelde grondafstand aan de gemeente wordt goedgekeurd. De verkavelaar dient de volledige grondafstand, inclusief de wegenis uit voorgaande dossiers, te realiseren. Het nieuwe rooilijnplan wordt goedgekeurd.

 

 

 

Publicatiedatum: 20/12/2024
Overzicht punten

Zitting van 26 november 2024

 

PLANOLOGISCH ATTEST. GOEDKEURING AFLEVERING GUNSTIG PLANOLOGISCH ATTEST MET VOORWAARDEN VOOR BOSMANS NV, TERVUURSESTEENWEG 185, 3060 BERTEM.

 

Voorgeschiedenis

        Op 19 maart 1954 werd een vergunning verleend voor het bouwen van een nieuwe woning en opslagplaats.

        Op 15 oktober 1969 werd een vergunning verleend voor het plaatsen van een weegschaal voor vrachtwagen en een weeghuisje.

        Op 27 juni 1973 werd een vergunning verleend voor een stockeerinstallatie voor granen.

        Op 14 februari 1974 werd een vergunning verleend voor een graansilo.

        Op 9 mei 1977 werd een vergunning verleend voor een tweede graansilo.

        Op 1 augustus 1979 werd een vergunning verleend voor een graansilo.

        Op 28 mei 1980 werd een vergunning verleend voor een stockagesilo.

        Op 10 mei 1988 werd een vergunning verleend voor het bouwen van een loods en oprichten van een silo.

        Op 5 maart 2001 werd een vergunning verleend voor het bouwen van een graanloods en het verbouwen van een loods.

        Op 13 juni 2004 werd een vergunning verleend voor het afbreken van 2 constructies, het aanleggen van nieuwe weegbrug ter vervanging van de bestaande, het aanleggen van manoeuvreervloer met steunmuur en afwatering.

        Op 14 april 2008 werd een vergunning verleend voor het bouwen van een afdak en 2 silo's.

 

Feiten en context

        Op 21 mei 2024 heeft Bart Willaert, bestuurder Adoplan, in opdracht van Bosmans NV een aanvraag tot planologisch attest ingediend ten behoeve van Bosmans NV.

        Op 13 juni 2024 werd het dossier volledig en ontvankelijk verklaard.

        Het bedrijf is gelegen in 3060 Bertem, Tervuursesteenweg 185/187, sectie C nrs. 322B2, 322F2, 322G2, 322H2, 322K2, 323E2, 323F2 en 323G2.

        Het bedrijf Bosmans werd opgericht in 1916 en was hoofdzakelijk gericht op de aan- en verkoop van aardappelen, granen en meststoffen voor landbouwbedrijven. Van in het begin werden deze producten ook al verkocht aan particulieren. Later diversifieerde het bedrijf zijn activiteiten en verkocht ook zaden, sproeistoffen en veevoeders. Deze producten werden ook in kleine hoeveelheden verkocht aan particulieren. De laatste jaren is de aandacht vooral gericht op ontvangst en opslag en commercialisatie van granen, meststoffen en particuliere verkoop. De aanvrager, Bosmans nv, wenst zijn huidige bedrijfsactiviteiten te herorganiseren en uit te breiden. Om de bedrijfsactiviteiten te bestendigen en tegemoet te komen aan de moderne eisen omtrent winkelbeleving is de uitbreiding van de verkoopoppervlakte noodzakelijk.

        Binnen de bestaande bestemming volgens het gewestplan, landschappelijk waardevol agrarisch gebied, is het uitbreiden van de verkoopoppervlakte van een tuin- en dierwinkel niet vergunbaar via een reguliere aanvraag tot omgevingsvergunning.

        Het instrument 'planologisch attest' kan wel gehanteerd worden wanneer een bedrijf zonevreemd wil uitbreiden, mits voldaan wordt aan de voorschriften. (zie argumentatie) Na verkrijging van een planologisch attest kan er via een in te dienen aanvraag tot omgevingsvergunning een vergunning verleend worden voor de behoeften van het bedrijf op korte termijn. Met het oog op de langere termijn, kunnen de behoeften van het bedrijf ingekapseld worden binnen een door de gemeente op te maken RUP.

        Op korte termijn beoogt de aanvrager:

        De uitbreiding van de totale bebouwde ruimte in functie van verkoop van 1155 m² en naar 1790 m². De verkoopruimte bevindt zich momenteel in een bedrijfsgebouw met weinig ruimtelijke kwaliteiten. Daarnaast bevinden zich nog opslagruimtes in functie van de verkoop. Het bedrijf wenst uit te breiden door de gebouwen aan elkaar te verbinden en één samenhangende, kwalitatieve uitstraling te geven. Concreet wordt volgende voorgesteld:

        Verbinding tussen de bestaande gebouwen: het betreft een gebouw met een oppervlakte van 345 m² dat zal ingezet worden in functie van verkoopruimte. Door de verbinding te maken kan de opslagruimte samengevoegd worden met de winkelruimte. De gebouwen worden op deze manier ook geclusterd en kunnen aan straatzijde eenzelfde gevelbekleding en indeling krijgen.

        Gelet op het grote hoogteverschil op het terrein ontstaat aan de achterzijde een niveau -1, die toegankelijk is vanaf de kant van de graansilo’s. Deze opslagruimte, en de uitbreiding ervan, blijven in functie van de granenhandel.

        Er wordt een beperkte oostelijke uitbreiding van de winkelruimte voorzien van 290 m². Ook hier is er een sterk reliëf aanwezig waardoor het niveau -1 gebruikt kan worden als opslagruimte. Deze opslagruimte zal ten dienste staan van de verkoopruimte.

        Aan de linkerzijde van het winkelgedeelte wordt op de verdieping het woongedeelte uitgebreid. Deze sluit aan op de bestaande aanwezige  bedrijfswoning.

        Het slopen van een bestaande bedrijfswoning met kantoren. De woning staat nabij de Tervuursesteenweg en bevindt zich deels voor de rooilijn. De kantoren zullen geïntegreerd worden in de andere bestaande bedrijfswoning.

        De parking wordt heraangelegd en geoptimaliseerd. De huidige parking heeft geen gemarkeerde parkeerplaatsen en is grotendeels niet afgesloten naar de Tervuursesteenweg. Er zal voorzien worden in een parking voor particuliere klanten van 19 plaatsen, die aansluit op de Tervuursesteenweg via 1 op- en afrit. Aan de linkerzijde op het perceel wordt een aparte parkeerruimte voorzien voor personeel. Deze parkeerruimte kan tevens dienstdoen als extra parking tijdens piekmomenten. Op die manier wordt een maximale capaciteit van 49 plaatsen gegenereerd. Deze parkeerruimte krijgt een aparte toegang via de op- en afrit voor zwaar vervoer met bestemming de achterliggende silo's in het kader van de para-agrarische activiteit.

        De aanvraag voorziet verder niet in lange termijn behoeften.

 

Juridische gronden

        Artikel 4.4.24 tot en met artikel 4.4.29 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening.

        Besluit van de Vlaamse Regering tot bepaling van de nadere regels inzake het planologisch attest van 29 maart 2013.

        Het besluit van de Vlaamse regering van 23 september 1997 houdende de definitieve vaststelling van het ruimtelijk structuurplan Vlaanderen en het besluit van de Vlaamse regering van 12 december 2003 en 17 december 2010 houdende de definitieve vaststelling van een herziening van het ruimtelijk structuurplan Vlaanderen.

        Het provinciaal ruimtelijk structuurplan Vlaams-Brabant, definitief vastgesteld door de provincieraad op 11 mei 2004 en het besluit van de provincieraad van 29 juni 2004 tot aanvulling van het besluit van 11 mei 2004, voor wat de toepassing betreft van artikel 188bis van het decreet van 18 mei 1999 houdende de organisatie van de ruimtelijke ordening en het addendum inzake de actualisatie en de beperkte herziening van het ruimtelijk structuurplan Vlaams-Brabant, definitief vastgesteld door de provincieraad op 19 juni 2012.

 

Openbaar onderzoek

        De aanvraag werd van 12 juli 2024 tot 8 augustus 2024 aan een openbaar onderzoek onderworpen conform artikel 9 van het besluit van de Vlaamse Regering tot bepaling van de nadere regels inzake het planologisch attest van 29/03/2013.

        Er werden geen bezwaren ingediend.

 

Adviezen

  1. Op 9 juli 2024 werd een voorwaardelijk gunstig advies uitgebracht door het Agentschap Landbouw en Zeevisserij:

        Het Agentschap Landbouw en Zeevisserij heeft uw in het onderwerp vermelde adviesaanvraag vanuit landbouwkundig standpunt onderzocht en formuleert er om de volgende redenen een voorwaardelijk gunstig advies bij:

        De aanvraag betreft een planologisch attest voor een historisch gegroeid familiebedrijf Bosmans. De huidige activiteit van het bedrijf handelt in eerste instantie over toelevering van landbouwgrondstoffen van en naar landbouwers. Het gaat dan over graanontvangst, meststoffen, zaaizaden, sproeistoffen enz. De tweede activiteit is gericht op de verkoop van mest- en sproeistoffen aan professionele tuinaanleggers en aannemers. Ten derde is er ook de verkoop aan particulieren aanwezig. Bosmans beschikt over nog een loods voor graanontvangst op de Baanakkerweg. Op de site van aanvraag is vooral de particuliere verkoop zonevreemd actief.

        Op korte termijn zullen volgende werken plaats vinden: De totale bebouwde ruimte in functie van verkoop bedraagt momenteel 1155 m² en zal na uitbreiding 1790 m² bedragen. Door de afbraak van de woning en realisatie van de parking wordt de rooilijn gerealiseerd. Door de aanvraag tot planologisch attest kan 1 samenhangende en gestructureerde parkeerruimte voorzien worden, waarin 19 parkeerplaatsen worden ingericht. Er wordt een aparte parkeerzone voorzien voor werknemers die tijdens het hoogseizoen ook voor bezoekers zal dienen. Tijdens piekmomenten is er dus ruimte voor 49 wagens.

        Alle delen van het plan worden gerealiseerd op korte termijn (minder dan 2 jaar). Dit volstaat om het bedrijf, de winkel en de omgevingsaanleg up to date te brengen en de marktpositie te bestendigen voor de komende 10 jaar. Bijgevolg zijn op lange termijn (2 tot 10 jaar) geen wijzigingen voorzien.

        Het Agentschap Landbouw en Zeevisserij kan gelet de lokale ruimtelijke situatie akkoord gaan met het planologisch attest. Het Agentschap Landbouw en Zeevisserij dringt aan op een planologisch initiatief voor de site. De opvang van regenwater (infiltratiezone) moet binnen het plangebied zelf gebeuren en op zodanige wijze dat de waterhuishouding van de omliggende landbouwgronden er geen nadelige effecten van ondervindt. Alle nodige bufferzones moeten binnen het plangebied zelf aangelegd worden.

 

  1. Op 26 juli 2024 werd een voorwaardelijk gunstig advies uitgebracht door het Departement Omgeving:

Situering en doelstelling

        Het historisch op deze locatie gegroeid bedrijf Bosmans is gesitueerd langsheen de N3 aan het westelijke uitlopers van het dorpscentrum van Bertem. Het terrein is bestemd als landschappelijk waardevol agrarisch gebied en aan drie zijden omgeven door woongebied en woongebied met landelijk karakter. Het bedrijf is als agrarisch en para-agrarisch bedrijf uitgegroeid maar de bedrijfsactiviteiten zijn intussen ook deels geëvolueerd naar verkoop aan particulieren voor tuin-, dier- en bakbenodigdheden. De verdere uitbouw van deze laatste detailhandelsfunctie is niet mogelijk binnen landschappelijk waardevol agrarisch gebied, vandaar de aanvraag voor planologisch attest.

        Het bedrijf wenst met deze aanvraag ook de herinrichting van de site mogelijk te maken ondermeer door het plangebied klimaatrobuust te maken en hiervoor ruimte vrij te maken voor de aanleg van een waterbuffer en groenbuffers aan de perceelsgrenzen. Concreet betekent dit:

        De realisatie van een verbinding tussen de bestaande gebouwen en uitbreiding in oostelijke richting in functie van de verruiming van de verkoopruimte en de koppeling met de opslagruimte met het oog op een verbetering van de logistiek. Hierbij wordt ook de oude bedrijfswoning (op nr.187) kort tegen de N3 verwijderd.

        De realisatie van een ruimtelijk en organisatorisch onderscheid tussen deze particuliere verkoopruimte vooraan aan de N3 en de opslagruimte, en de uitbreiding ervan, in functie van de granenhandel aan de achterzijde van het perceel (niveau -1). Beide functies krijgen een aparte ontsluiting en parking.

        In functie van een waterbuffering op eigen terrein wordt een oppervlakte voorbehouden achteraan op het perceel.

Als ambities worden hierbij vooropgesteld de realisatie van een groene parking, een betere landschappelijke inkleding en het circulair en neutraal watergebruik. Alle delen van het plan worden gerealiseerd op korte termijn (minder dan 2 jaar). Er is geen visie uitgewerkt voor de ontwikkeling van het bedrijf op deze locatie voor de lange termijn.

Advies bij deze aanvraag

        Gezien de historisch gegroeide situatie aan de rand van het dorpscentrum, gelegen aan en ontsloten via de N3 en het feit dat het bedrijf in hoofdactiviteit nog steeds para-agrarisch is, kan in principe akkoord worden gegaan met deze aanvraag tot planologisch attest.

        Wel wordt vastgesteld dat het bedrijf enkel voor de korte termijn een ontwikkelingsperspectief heeft vastgelegd en geen lange termijn visie heeft op de ontwikkelingsmogelijkheden van het bedrijf. Dit betekent dat op basis van een gunstig planologisch attest een omgevingsvergunning kan bekomen worden voor de korte termijn. Artikel 4.4.26, §2, eerst lid van de VCRO stelt in die optiek echter uitdrukkelijk: “Op vraag van de houder van een planologisch attest dat het betrokken bestuursorgaan conform §1 verplicht tot de opmaak of wijziging van een ruimtelijk uitvoeringsplan of een plan van aanleg, kan bij de aanvraag voor een omgevingsvergunning worden afgeweken van de vigerende stedenbouwkundige voorschriften”. Met andere woorden, een zogenaamde korte-termijn-vergunning die afwijkt van de geldende voorschriften is enkel mogelijk als er een attest wordt afgegeven dat de opmaak of wijziging van een ruimtelijk uitvoeringsplan in het vooruitzicht stelt. Dit zal dan alvast een eerste randvoorwaarde zijn die dient opgenomen te worden bij de afgifte van een eventueel gunstig planologisch attest. Een attest dat ‘toelating geeft’ tot afgifte van een korte-termijnvergunning zonder een engagement tot planopmaak of planwijziging, is onwettig. Een korte-termijnvergunning die zich baseert op dergelijk attest, is onwettig.

        Een tweede aspect betreft het onderscheid tussen het grotendeels agrarisch karakter van de handel voor toelevering aan de professionele landbouwer van landbouwgrondstoffen (granen, meststoffen, zaaizaden, sproeistoffen, plantaardappelen, gewasbeschermingsproducten,…) achteraan op het bedrijfsperceel en de detailhandel aan particulieren (tuin-, dier- en bakproducten) vooraan op het perceel. Bij de opmaak van het gemeentelijk RUP zal moeten blijken dat dit onderscheid, belangrijk in de ordening en inrichting van het terrein ook in stedenbouwkundige voorschriften tot uiting komt.

Conclusie

        Het Departement Omgeving verleent een voorwaardelijk gunstig advies ten aanzien van de aanvraag voor planologisch attest indien voldaan wordt aan volgende voorwaarden op te nemen in het af te leveren attest:

        Dat een zogenaamde korte-termijn-vergunning die afwijkt van de geldende voorschriften en afgeleverd wordt op basis van een gunstig planologisch attest enkel mogelijk is als dit attest de opmaak van een ruimtelijk uitvoeringsplan in het vooruitzicht stelt.

        Dat bij de opmaak van het ruimtelijk uitvoeringsplan zowel ruimtelijk als juridisch een onderscheid wordt gemaakt tussen de (para-)agrarische functie van toelevering van landbouwproducten aan professionele landbouwers op de achterzijde van het perceel en de detailhandelsactiviteiten (tuin-, dier- en bakbenodigdheden) ten behoeve van particulieren aan de voorzijde van het perceel.

 

  1. Op 3 september 2024 werd een voorwaardelijk gunstig advies uitgebracht door de Dienst Waterlopen van de provincie Vlaams-Brabant:

        Verwijzend naar artikel 1.3.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018, werd onderzocht of het voorwerp van de aanvraag een schadelijk effect heeft op het watersysteem. Dit advies wordt verleend in uitvoering van artikel 5 van het besluit van de Vlaamse regering van 20 juli 2006 voor de toepassing van de watertoets.

        De locatie Tervuursesteenweg 185 te 3060 Bertem, met als Capakey 24009C0322/00H002, 24009C0323/00G002, 24009C0323/00F002, 24009C0322/00B002, 24009C0322/00G002 24009C0322/00K002, 24009C0323/00E002 en 24009C0322/00F002, stroomt af naar Voer (B2022), onbevaarbare waterloop van tweede categorie, die beheerd wordt door de dienst waterlopen van de provincie Vlaams-Brabant. De locatie ligt volgens de kaarten met overstromingsgevoelige gebieden voor een beperkt gedeelte in een pluviaal overstromingsgevoelig gebied met een kleine overstromingskans. De geplande werken bevinden zich evenwel buiten deze overstromingsgevoelige zone.

        Het project zal leiden tot de uitbreiding van bebouwing en aanleg van verhardingen, wat resulteert in een toename van de oppervlakte die niet beschikbaar is voor water. Hierdoor krijgt water minder ruimte om natuurlijk te infiltreren en af te stromen, wat mogelijk een negatief effect kan hebben op de omgeving. Om dergelijke schadelijke effecten te voorkomen, zijn mitigerende maatregelen noodzakelijk. De gewestelijke stedenbouwkundige verordening en de provinciale stedenbouwkundige verordening vormen de basis voor het voorkomen van deze schadelijke effecten.

        De aanvrager geeft aan dat in het geplande project maatregelen worden genomen om de schadelijke effecten te voorkomen, zoals de aanleg van waterdoorlatende verhardingen en het realiseren van een waterbuffer op de site om het hemelwater op te vangen. Hierbij geven intentie om te voldoen aan de verordeningen echter heeft de dienst waterlopen in deze fase niet voldoende informatie om af te toetsen of de voorliggende aanvraag hieraan voldoet, in de omgevingsaanvraag zal de dienst nagaan of deze voldoet. In de fase van omgevingsaanvraag dient bijkomende informatie te worden aangeleverd voor deze toetsing (zie onder).

        De toekomstige omgevingsaanvraag moet voldoen aan:

        de gewestelijke stedenbouwkundige verordening (GSVH) inzake hemelwater (Besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023, Belgisch Staatsblad van 21 juni 2023);

        de provinciale stedenbouwkundige verordening met betrekking tot de afvoer van hemelwater (PSVH), goedgekeurd door de provincieraad van Vlaams-Brabant op 26 september 2023;

        Aan het vergunningsdossier moeten minimum volgende plannen of documenten worden toegevoegd om het dossier te kunnen beoordelen:

        Inventaris afwaterende oppervlakten: aan het dossier dient een voldoende uitgewerkte tabel te worden toegevoegd met aangesloten verharde (dakoppervlaktes, verhardingen) en onverharde oppervlaktes.

        Een voldoende gedetailleerd rioleringsplan. Op het rioleringsplan dient minimaal vermeld:

        de exacte plaatsing, dimensies en diepte van de infiltratie- en buffervoorzieningen;

        het volume en de infiltratieoppervlakte van de infiltratie- en buffervoorzieningen;

        de totale verharde oppervlakte in vierkante meter die op de infiltratievoorziening aangesloten wordt;

        de locatie en het niveau (in mTAW) van aansluitpunten en overlopen (BOK-peilen).

        Specifieke voorwaarden en/of maatregelen opgelegd door de waterbeheerder:

        Hemelwaterverordeningen: Overeenkomstig de provinciale stedenbouwkundige verordening met betrekking tot de afvoer van hemelwater, mag het hemelwater dat op een verharding of op een andere constructie valt niet van het terrein worden afgevoerd naar een oppervlaktewater of een kunstmatige afvoerweg voor hemelwater, naar een regenwaterafvoerleiding in de straat of naar de openbare riolering, noch mag het van de verharding of de andere constructie afstromen naar een naburig terrein of naar het openbaar domein.

        Aanleg verhardingen:

        Het hemelwater dat op de verhardingen valt moet op natuurlijke wijze doorheen of naast die verharding op het eigen terrein in de bodem infiltreren.

        Om naast de verharding in de bodem te kunnen infiltreren:

        moet de oppervlakte van de onverharde zone naast de verharding, waar het hemelwater in de bodem infiltreert, minstens 25 % bedragen van de oppervlakte van de verharding zelf;

        moet deze ontworpen worden zonder slikkers, noch afvoergoten;

        moet men de verharding zo aanleggen dat het afstromend hemelwater in de onverharde zone naast de verharding terechtkomt;

        keerwanden en borduren die verhinderen dat het hemelwater naar de onverharde zone kan afstromen, zijn niet toegelaten.

        Besluit

Dit advies kan in geen geval aanzien worden als een officieel advies in het kader van een omgevingsvergunningsaanvraag.

De dienst waterlopen heeft het toekomstig project beoordeeld en geeft aan waaraan de toekomstige omgevingsvergunningsaanvraag moet voldoen om mogelijks voorwaardelijk gunstig te worden geadviseerd.

 

  1. Op 12 september 2024 werd een voorwaardelijk gunstig advies uitgebracht door de deputatie van de provincie Vlaams-Brabant:

GEGEVEN

        Op 27 augustus 2024 ontving de deputatie een adviesvraag van de gemeente Bertem over de aanvraag tot planologisch attest door het bedrijf Bosmans NV, met als adres Tervuursesteenweg 185. De gemeente heeft de aanvraag ontvankelijk verklaard en geoordeeld dat de gemeente de bevoegdheid heeft te beslissen over de aanvraag. De deputatie dient binnen een termijn van 30 dagen een advies uit te brengen, anders kan aan de adviesvereiste worden voorbijgegaan.

JURIDISCHE BASIS

        Artikel 4.4.24 tot en met artikel 4.4.29 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening.

        Besluit van de Vlaamse Regering tot bepaling van de nadere regels inzake het planologisch attest van 29 maart 2013.

        Het besluit van de Vlaamse regering van 23 september 1997 houdende de definitieve vaststelling van het ruimtelijk structuurplan Vlaanderen en het besluit van de Vlaamse regering van 12 december 2003 en 17 december 2010 houdende de definitieve vaststelling van een herziening van het ruimtelijk structuurplan Vlaanderen.

        Het provinciaal Beleidsplan Ruimte Vlaams-Brabant, definitief vastgesteld door de provincieraad op 19 september 2023.

BESPREKING

Aard van het bedrijf

        Het bedrijf Bosmans werd in 1916 opgericht als een groot- en kleinhandel in aardappelen, granen en meststoffen. De huidige activiteiten van Bosmans zijn 3-ledig:

        Het bedrijf gespecialiseerd in toelevering van landbouwgrondstoffen van en naar landbouwers (graanontvangst, meststoffen, zaaizaden, sproeistoffen enz.);

        Een tweede activiteit is gericht op de verkoop van mest- en sproeistoffen aan professionele tuinaanleggers en aannemers;

        Er is verder ook de verkoop aan particulieren aanwezig geweest als een ondergeschikte activiteit (13% van de totale omzet 2022).

        Het bedrijf heeft ook nog een andere vestiging: een loods voor de opslag van granen aan de Baanakkerweg 8 3060 Bertem. Deze locatie is meer afgelegen en bevindt zich op de grens van een aaneengesloten agrarisch gebied. De locatie van de andere vestiging komt, volgens het bedrijf zelf, daarom niet in aanmerking als alternatief voor de uitbreiding.

Situering

        De nabije omgeving rondom de bedrijfssite wordt gedomineerd door de kruising van de E40 en N3. Het op- en afrittencomplex bepaalt grotendeels het karakter van het omliggende landschap. Bosmans, gelegen langs de N3 (Tervuursesteenweg), situeert zich in een gemengde woonkorrel van economische activiteiten en wonen. De site ligt ten zuiden van de N3 en op ongeveer 500 meter van het op- en afrittencomplex. Het perceel waarop het bedrijf gevestigd is, is gedeeltelijk ingenomen door voornamelijk bestaande loodsen, silo’s en winkelruimte. Vooraan bevinden zich ook nog 2 woningen. Het perceel is circa. 12.345m². De bedrijfssite is gelegen op de rand van de dorpskern van Bertem.

Aanvraag op korte termijn

        Het bedrijf wil haar site herstructureren en aanpassen in functie van een betere kwaliteit en aantrekkelijkheid van de bedrijfsvoering. Gelet op het feit dat detailhandel in landbouwgebied niet vergunbaar is, wordt een planologisch attest aangevraagd met het oog op meer rechtszekerheid voor deze verkoopactiviteit en een uitbreiding ervan binnen de bestaande site.

        De aanvraag omvat een relatief beperkte uitbreiding van de verkoopoppervlakte. De bestaande gebouwen in functie van verkoop (publiek toegankelijke ruimte + opslag i.f.v. verkoop) bedraagt 1155 m². Het bedrijf wenst door een uitbreiding tot een ruimte van 1790 m² te komen. De verkoopruimte bevindt zich momenteel in een bedrijfsgebouw met weinig ruimtelijke kwaliteiten. Daarnaast bevinden zich op de perceelsgrens nog opslagruimtes in functie van de verkoop. Deze gebouwen zijn reeds meer dan 50 jaar oud. Het bedrijf wenst uit te breiden door de gebouwen aan elkaar te verbinden en één samenhangende, kwalitatieve uitstraling te geven. Concreet wordt volgende uitbreiding vooropgesteld:

        Verbinding tussen de bestaande gebouwen: het betreft een gebouw met een oppervlakte van 345 m² die zal ingezet worden in functie van verkoopruimte. Door de verbinding te maken kan de opslagruimte samengevoegd worden met de winkelruimte wat logistiek een betere oplossing vormt. Gebouwen worden op deze manier ook geclusterd en kunnen aan straatzijde eenzelfde gevelbekleding en indeling krijgen.

        Gelet op het grote hoogteverschil op het terrein ontstaat aan de achterzijde een niveau -1, die is toegankelijk vanaf de kant van de graansilo’s. Deze opslagruimte, en de uitbreiding ervan, blijven voornamelijk in functie van de granenhandel.

        Er wordt een beperkte oostelijke uitbreiding van de winkelruimte voorzien van 290 m². Ook hier is er een sterk reliëf aanwezig waardoor het niveau -1 gebruikt kan worden als opslagruimte. Deze opslagruimte zal ten dienste staan van de verkoopruimte.

        Daarnaast omvat de aanvraag ook een herinrichting van de parking i.f.v. het beperken van de toegangen. De huidige parking heeft geen gemarkeerde parkeerplaatsen. Dit leidt tot ongeregeld parkeren. Hierbij is de huidige verharde oppervlakte over de volledige lengte integraal toegankelijk. Dit leidt tot een conflictpunt met de N3. Na de herstructurering wordt het verkeer van en naar de N3 gekanaliseerd naar één in- en uitrit. Tegelijk zal het bedrijf de bestaande bedrijfswoning met kantoren aan de straatzijde verwijderen. De kantoren zullen geïntegreerd worden in de andere bestaande bedrijfswoning. Er wordt een woongelegenheid voorzien boven op het linker gedeelte van de nieuwe uitbreiding van de winkel. Door de bedrijfswoning aan de straatzijde te verwijderen zal een aantrekkelijker beeld ontstaan. Daarnaast geeft dit een beter zicht bij het in- en uitrijden en verhoogt daarmee de verkeersveiligheid. Bovendien bevindt de huidige woning zich dichter bij de weg dan de rooilijn (13m van de as van de weg) en bouwlijn (21m van de as van de weg) voorzien in het rooilijnplan. Door de afbraak van de woning en realisatie van de parking wordt deze rooilijn gerealiseerd. Door de nieuwe indeling, kan 1 samenhangende en gestructureerde parkeerruimte voorzien worden, waarin 19 parkeerplaatsen worden ingericht. Er wordt een aparte parkeerzone voorzien voor werknemers die tijdens het hoogseizoen ook voor bezoekers zal dienen. Tijdens piekmomenten is er ruimte voor 49 wagens.

        De aanvraag omvat verder ook een betere landschappelijke inpassing en buffering alsook de aanleg van extra waterbuffering. Het terrein zal t.o.v. zijn buitengrenzen landschappelijk worden ingekleed. Rondom de site wordt een groenbuffer aangelegd van ca. 5m breedte. Dit geeft het bedrijf een groener uitzicht van buitenaf. Intern wordt een waterbuffer gerealiseerd op de site om hemelwater in op te vangen. Dit water kan dan terug in de bodem worden geïnfiltreerd of hergebruikt worden. Op het plan is daarvoor een zone van ca. 330 m² voorzien.

Aanvraag op lange termijn

        Alle delen van het plan worden gerealiseerd op korte termijn (minder dan 2 jaar). Dit volstaat om het bedrijf, de winkel en de omgevingsaanleg up to date te brengen en de marktpositie te bestendigen voor de komende 10 jaar. Bijgevolg zijn op lange termijn (2 tot 10 jaar) geen wijzigingen voorzien.

Planologisch-juridische context

        Volgens het Gewestplan ‘Leuven’, bevindt het plangebied zich volledig in ‘landschappelijk waardevol agrarisch gebied’. Ten zuiden van het plangebied is een sectoraal BPA zonevreemde bedrijven gelegen. Dat zorgt ervoor dat het plangebied langs 3 zijden omgeven wordt door ‘harde’ bestemmingen:

        Noorden: woongebied met een landelijk karakter

        Oosten: woongebied

        Zuiden: zone voor ambachtelijk bedrijvigheid

        Westen: Landschappelijk waardevol agrarisch gebied

Planologische beleidscontext

        Het Provinciaal Beleidsplan Ruimte Vlaams-Brabant werd definitief vastgesteld door de Provincieraad op 19 september 2023. Het vormt de basis bij het adviseren van gemeentelijke planningsprocessen vanuit de provincie en kan ook als een referentiekader gebruikt worden door de gemeente.

        In het Beleidsplan Ruimte is één van de uitgangpunten binnen het beleidskader ‘economie’ dat economische activiteiten een wezenlijk onderdeel vormen van onze leefomgeving. Nabijheid van tewerkstelling én beschikbaarheid van producten en diensten bepalen mee de leefkwaliteit van steden en dorpskernen.

        Het ruimtelijk beleid stimuleert daarom de verweving van economische activiteiten, voor zover ze geen onaanvaardbare hinder voor hun omgeving veroorzaken (kleinhandel, kleine en/of ambachtelijke bedrijven, diensteneconomie, kleinschalige streekproducteneconomie, recreatie, toerisme, horeca, ....). Het uitgangspunt is dus verweven, zoneren is enkel nodig als verweving niet lukt.

        Bertem is aangeduid als strategische dorpskern in het Beleidsplan Ruimte Vlaams-Brabant. Er wordt gestreefd naar een maximale verweving van de economische activiteiten. Enkel indien het niet-verweefbare bedrijvigheid betreft, wordt clustering op een bedrijvenzone vooropgesteld.

Ruimtelijke afweging

        De bedrijfssite is gelegen op de rand van de dorpskern van Bertem, het hoofddorp en een strategisch dorpskern binnen de gemeente.

        Volgens de overstromingskaart van Vlaanderen is het voorwerp van de aanvraag niet gelegen in een overstromingsgevoelig gebied. De schaal en aard van het bedrijf (historisch gegroeid para-agrarisch bedrijf) zijn verweefbaar met de woon- en landbouwfunctie op de naastliggende percelen. De site sluit ten zuiden aan bij een zone voor bedrijvigheid (cf. BPA). Een herlocalisatie naar een andere bedrijvenzone is voor dit soort bedrijvigheid niet noodzakelijk. Deze activiteiten kunnen best verder worden verweven in de dorpskern.

        Hoewel de site gelegen is in landbouwgebied bevat de site geen geregistreerd landbouwgebruik en ook direct aansluitend is er geen landbouwgebruik. Ook de voorbije decennia was er geen geregistreerd landbouwgebruik. De bedrijfsactiviteiten hebben en behouden ook een duidelijke link met landbouw. Gezien de ligging (omsloten door huizen en tuinen en grenzen aan een andere bedrijvenzone), het feit dat de activiteiten al lang op deze site plaatsvinden en de site zelf niet zal uitbreiden (buiten de bestaande contouren), blijft de impact van de aanvraag op de landbouwfunctie beperkt.

        De infrastructuur die voor opslag (veevoeders etc…) aanwezig is op de bestaande bedrijfssite is vrij omvangrijk. Een sanering van de site, in geval het bedrijf zou verdwijnen, is niet vanzelfsprekend gezien de landbouwbestemming. De beperkte detailhandelsactiviteiten die op de site naast de hoofdactiviteit plaatsvinden, met inbegrip van de voorgestelde uitbreidingen, doorstaan een toetsing aan de criteria van het integraal handelsvestigingsbeleid. Het behoud van beperkte detailhandelsactiviteiten in deze branche is aanvaardbaar op deze plek.

        De beperkte uitbreiding van de bestaande bedrijfsactiviteiten worden met deze aanvraag ook gebruikt als hefboom om ook tot een betere landschappelijke inpassing en ontharding van de site te komen. Deze groenblauwe maatregelen zullen de verweefbaarheid van de bedrijfssite binnen de dorpskern en in de omgeving doen toenemen.

        Het behoud van het bedrijf en de voorgestelde beperkte uitbreiding en herschikking van de activiteiten op de huidige locatie kan gunstig geadviseerd worden.

Conclusie

        Bosmans NV is een historisch gegroeid bedrijf dat al aanwezig was ver voor de opmaak van het gewestplan. Het betreft een hoofdzakelijk para-agrarisch bedrijf waar steeds beperkte verkoop aan particulieren plaats heeft gevonden. In de toekomst blijft het ook een para-agrarisch bedrijf. Het bedrijf wenst echter meer rechtszekerheid omtrent de verkoop van goederen aan particulieren als nevenactiviteit. Het wenst hierbij ook een beperkte uitbreiding te voorzien van de activiteiten (door middel van inbreiding binnen de bestaande site). Bij de herstructurering wordt de parkeerruimte beter ingericht en onthard waarbij rekening wordt gehouden met waterproblematiek en landschappelijke inpassing van het bedrijf. De bedrijfssite bevindt zich aansluitend bij de kern van Bertem. De ruimtelijke draagkracht van de omgeving wordt door deze beperkte uitbreiding niet overschreden.

        De aanvraag tot planologisch attest wordt daarom wat betreft het behoud en de korte termijnvraag gunstig geadviseerd gelet op de verweefbaarheid van de activiteit, de ligging in het hoofddorp Bertem, de ligging aansluitend bij een reeds bestemde bedrijvenzone en de specifieke aard van het bedrijf als een aan de land- en tuinbouw verwante activiteit. De aanvraag is in overeenstemming met het Beleidsplan Ruimte Vlaams-Brabant.

Watertoetsadvies

        Volgens het Besluit van de Vlaamse Regering van 20 juli 2006 tot vaststelling van nadere regels voor de toepassing van de watertoets dient de deputatie als waterbeheerder een watertoetsadvies uit te brengen. Het resultaat van deze watertoets moet door de plannende overheid als een waterparagraaf opgenomen in de goedkeuring van het plan. Het watertoetsadvies wordt opgemaakt door de provinciale dienst waterlopen en als bijlage bij dit besluit gevoegd.

Aandachtspunten voor verdere uitwerking

        Verder worden ook nog een aantal aandachtpunten meegegeven die kunnen worden meegenomen in het eventueel verdere vergunningstraject:

        Er wordt gesuggereerd om een aparte overdekte, comfortabele en beveiligde fietsenstalling met oplaadpunten te voorzien voor het personeel. Verder wordt aangeraden om het personeel te motiveren om met de fiets naar het werk te komen door incentives zoals een fietsvergoeding, het voorzien van een douche en omkleedruimte. Ook is het, gezien het feit dat het bedrijf aan een hoogwaardig openbaar vervoer lijn ligt, aan te raden om ook hier op in te zetten en het personeel bijvoorbeeld een abonnement op het openbaar vervoer aan te bieden eerder dan een kilometervergoeding om met de wagen naar het werk te komen.

        Verder wordt aangeraden om ook voldoende fietsenstallingen voor bezoekers te voorzien, aangezien het bedrijf dicht aansluit bij bewoning en de kern van Bertem en men wil inzetten op lokale handel. In het document lezen we dat men een fietsenstalling voor slechts 5 fietsen wil voorzien voor bezoekers (p. 49). Er wordt aangeraden om hier ambitieuzer te zijn en toch minstens het dubbele te voorzien. Als men iets minder autoparkeerplekken voorziet, is er ruimte genoeg voor extra fietsparkeerplaatsen. Deze dienen dichter bij de ingang gelegen te zijn dan de autoparkeerplaatsen, overdekt en voldoende ruim. Gezien de aard van de verkochte producten dient men rekening te houden met buitenmaatse fietsen en cargofietsen en hier genoeg plek voor te voorzien.

        De op- en afritten worden beter ingericht zodoende dat er minder conflictsituaties aan de steenweg ontstaan. Er wordt gevraagd om hier voldoende aandacht te hebben voor mogelijke conflictsituaties met de zwakke weggebruikers op de N3 en er voor te zorgen dat bezoekers aandacht hebben voor het kruisen van fietsers bij het oprijden en verlaten van de parking.

        Tenslotte wordt gevraagd om er voor te zorgen dat het vrachtverkeer en de tractors op het terrein voldoende plaats hebben om een keerbeweging te maken zodat ze niet achteruit de N3 moeten oprijden. Op het plan is het niet heel duidelijk waar op het terrein het vrachtverkeer een draaibeweging kan maken. Ook dient erover gewaakt te worden dat er geen conflicten zijn met personenwagens en vrachtwagens en tractors op de piekmomenten.

BESLUIT

Na het verslag gehoord te hebben van Ann Schevenels, als lid van de deputatie, beslist de deputatie:

        Een gunstig advies te verlenen voor het behoud van het bedrijf Bosmans NV op de huidige locatie te Bertem;

        Een gunstig advies te verlenen voor de korte termijnvraag, mits bij de vergunningsaanvraag rekening wordt gehouden met het watertoetsadvies in bijlage bij dit besluit.

 

  1. Op 3 juli 2024 heeft De Watergroep laten weten dat er op basis van het voorliggende niet gegarandeerd kan worden dat de te bouwen woning aansluitbaar zal zijn op het drinkwaternet. Daarvoor dient de locatie van de watermeter te voldoen aan de voorwaarden van De Watergroep. Daarover kan pas worden beslist wanneer er plannen ter beschikking zijn, en dit dossier aangevraagd werd in het omgevingsloket.

 

  1. Op 23 juli 2024 heeft het Agentschap Wegen en Verkeer een advies uitgebracht. Dit werd aangepast na overleg met de dienst Omgeving naar een tweede advies aangeleverd op 27 september 2024. Het betreft een voorwaardelijk gunstig advies dat luidt als volgt:

Ik heb de eer u mede te delen, wat betreft mijn dienst, dat in elk geval volgende voorwaarden nageleefd moeten worden: Voor stedenbouwkundige inlichtingen contacteert u ook steeds de vergunning verlenende overheid.

        Vastlegging ten opzichte van de bestaande as van de gewestweg (N0030001 van 21.2 +6 tot 21.2 +95):

        de rooilijn ligt op 13 meter volgens plan K.1291/A / vigerende wegnormen,

        de zone van achteruitbouw bedraagt 8 meter,

        de minimaal te respecteren bouwlijn ligt op 21 meter volgens plan K.1291/A / vigerende wegnormen,

        Infiltratiezone

De infiltratiezone, riolering, septische -en waterputten zijn voorzien achter de bouwlijn, hetgeen toegelaten is.

        Parking/verharding voor de rooilijn

Op het nieuwe inplantingsplan is de verharding getroffen door de rooilijn, hetgeen niet toegestaan is. In de omgeving werd decennialang toepassing gemaakt van het niet bij KB bekrachtigde rooilijnplan K.1291/A, zodat er een feitelijke rooilijn is ontstaan. Deze feitelijke rooilijn bevindt zich op 13 meter uit de as van de weg. Het is van groot belang om deze feitelijke rooilijn te blijven hanteren om de volgende reden: Het Agentschap Wegen en Verkeer wenst de grond, bestemd voor de openbare weg, te vrijwaren van elk extra obstakel voor de toekomstige weginrichting, zodat deze later kan aangepast worden aan de nieuwe behoeften en inzichten.

        Toegang bezoekers tot de gewestweg

        Op het nieuwe inplantingsplan zijn er twee toegangen voorzien hetgeen niet toegelaten is. Slechts 1 gezamenlijke in- uitrit kan toegelaten worden met een breedte van maximum 7m.

        Over de rest van de breedte van het perceel dient het terrein afgesloten te worden met een vaste, niet overrijdbare afsluiting met een maximum hoogte van 75cm.

        Een groenvoorziening zal worden aangelegd om te beletten dat bij duisternis de koplichten van parkerende of wegrijdende voertuigen het verkeer op de gewestweg hinderen.

        De toegang wordt in de zone van achteruitbouw aangelegd onder een maximale helling van 4%.

        Keren/parkeergebeuren moet volledig op eigen terrein gebeuren.

        Verwijzing naar de voorgaande vergunning 213/B/BAV/2008/540/A: De aangepaste plannen ingediend op 04/04/2008 met lage, onoverrijdbare, vaste afsluiting moeten toegepast worden. Deze voorwaarde is tot op heden niet nageleefd.

        Toegang vrachtwagen

Onderzoek voor mogelijke afwijking inrit van 10 meter: De aanvrager dient een duidelijk plan te bezorgen waarop met een draaicirkel aangetoond wordt, hoeveel breedte nodig is om veilig in -en uit te rijden. Keren/parkeergebeuren moet volledig op eigen terrein gebeuren. Hierna gaan experten van Het Agentschap Wegen en Verkeer dit analyseren en bepalen of een afwijking mogelijk is of niet

 

  1. Op 2 juli 2024 heeft het Agentschap Onroerend Erfgoed laten weten geen advies uit te brengen.

 

  1. Op 16 september 2024 heeft de Gecoro volgend voorwaardelijk gunstig advies geformuleerd:

        In het advies van het Agentschap Wegen en Verkeer van 23 juli 2024 wordt opgelegd dat de twee toegangen voorzien op het inplantingsplan niet toegelaten zijn. Slechts 1 gezamelijke in- en uitrit kan toegelaten worden met een breedte van maximum 7 m. Over de rest van de breedte van het perceel dient het terrein afgesloten te worden met een vaste, niet overrijdbare afsluiting met een maximum hoogte van 75 cm.

        De Gecoro is van mening dat de 2 voorziene toegangen geen extra hinder veroorzaken. Door de afbraak van de woning wordt de in- en uitrit naar de parking rechts gelegen op het perceel veiliger ingericht. De links voorziene parking voor het personeel en bezoekers van de winkel in piekmomenten heeft zijn eigen in- en uitgang die tevens ook dienst doet voor het leveren en lossen van goederen (vrachtwagens, tractors...). Deze in- en uitrit is zodanig ingericht dat het zicht vanaf de perceelsgrens op het verkeer op de gewestweg voldoende veilig is.

        De Gecoro verzoekt de gemeente om in dialoog te gaan met het Agentschap voor Wegen en Verkeer om hun negatief advies betreffende in in- en uitritten te herzien.

       Opmerking dienst Omgeving: dit resulteerde in het bijgestelde advies van AWV van 27 september 2024.

        Tevens merkt de Gecoro op dat het in- en uitrijden van de rechtse parkeerplaatsen achter de rooilijn moet gebeuren.

 

Argumentatie

Het voorliggende voldoet aan de formele basisvoorwaarden voor de aanvraag van een planologisch attest. Het betreft hier met name een hoofdzakelijk vergund, bestaand en niet-verkrot bedrijf.

De para-agrarische activiteiten bevinden zich in het zuidelijk deel van het perceel. De relevante gebouwen en constructies zijn stedenbouwkundig vergund. De bedrijfsgebouwen in het noordelijk deel dateren van voor het gewestplan. Hier vindt de particuliere verkoop plaats. Deze is reeds lang aanwezig op de site, zoals aangetoond wordt door middel van oude kasregisters.

 

Een beslissing van de gemeenteraad aangaande een planologisch attest dient zich uit te spreken over het behoud of niet op de plek waar het bedrijf gevestigd is, de ontwikkelingsmogelijkheden (in geval van behoud) op korte en op lange termijn (met eventuele voorwaarden) en stelt al dan niet de opmaak van een ruimtelijk uitvoeringsplan (RUP) in het vooruitzicht.

 

  1. Standpunt met betrekking tot het behoud van het bedrijf op de plaats waar het gevestigd is.

        De schaal en aard van het bedrijf zijn verweefbaar met de woonfunctie. In het Provinciaal Beleidsplan Ruimte Vlaams-Brabant, definitief vastgelegd op 19 september 2023, is één van de uitgangspunten binnen het beleidskader ‘economie’ dat economische activiteiten een wezenlijk onderdeel vormen van de leefomgeving. Nabijheid van tewerkstelling én beschikbaarheid van producten en diensten bepalen mee de leefkwaliteit van steden en dorpskernen. Het ruimtelijk beleid stimuleert daarom de verweving van economische activiteiten, voor zover ze geen onaanvaardbare hinder voor hun omgeving veroorzaken (kleinhandel, kleine en/of ambachtelijke bedrijven, diensteneconomie, kleinschalige streekproducteneconomie, recreatie, toerisme, horeca, ....). De deelgemeente Bertem is in dit beleidsplan aangeduid als strategische dorpskern waarbij gestreefd wordt naar een maximale verweving van de economische activiteiten. De bedrijfssite is gelegen op de rand van de dorpskern.

        De schaal en aard van het bedrijf zijn verweefbaar met de woon- en landbouwfunctie op de naastliggende percelen. Hoewel de site gelegen is in landbouwgebied bevat de site geen geregistreerd landbouwgebruik en ook direct aansluitend is er geen landbouwgebruik. Ook de voorbije decennia was er geen geregistreerd landbouwgebruik. De bedrijfsactiviteiten hebben en behouden wel een duidelijke link met landbouw. Gezien de ligging, het feit dat de activiteiten al lang op deze site plaatsvinden en de site zelf niet zal uitbreiden buiten de bestaande contouren, blijft de impact van de aanvraag op de landbouwfunctie beperkt.

        Het para-agrarisch bedrijf Bosmans bestaat al sinds 1916 op deze locatie. Ook de kleinhandelsfunctie is reeds lange tijd, van ruim voor de invoering van het gewestplan, aanwezig op de site zoals aangetoond wordt door middel van uittreksel uit oude kasboeken.

        Volgens de overstromingskaart van Vlaanderen is het voorwerp van de aanvraag niet gelegen in een overstromingsgevoelig gebied.

Conclusie: Het behoud van de bestaande detailhandelsactiviteiten is aanvaardbaar op deze locatie.

 

  1. Standpunt met betrekking tot de ontwikkelingsmogelijkheden op korte termijn.

        Het bedrijf is sinds het ontstaan een para-agrarisch bedrijf dat landbouwproducten aankoopt en verkoopt en dat hulpstoffen aan landbouwers aanlevert. Deze activiteiten zullen behouden blijven. Het para-agrarische blijft aldus de hoofdactiviteit uitmaken. De kleinhandelsactiviteiten onder de vorm van verkoop aan particulieren zijn ook steeds aanwezig geweest. Dit wordt aangetoond door middel van historisch materiaal (kasboek). Het betreft de verkoop van eigen producten, uitgebreid met een aanbod aan tuingerelateerd materiaal zoals plantgoed, potgrond, boomschors, potterie, tuingereedschap en dierenvoeding. Het bedrijf ambieert deze bedrijfstak meer rechtszekerheid te bieden en een beperkte uitbreiding mogelijk te maken.

        De bestaande gebouwen in functie van particuliere verkoop (inclusief opslag) hebben een vloeroppervlakte van 1155 m². Het voorliggende wenst dit aspect uit te breiden tot een oppervlakte van 1790 m². De uitbreiding ambieert een optimalisatie van de verkoopsruimte, zowel voor de interne werking als voor de beleving van de klant. Het aanbod blijft gelijkaardig. Enkel zal het assortiment binnen het bestaande gamma verbreed worden. De beperkte uitbreiding van de bestaande bedrijfsactiviteiten worden met deze aanvraag ook gebruikt als hefboom om ook tot een betere landschappelijke inpassing en ontharding van de site te komen.

        In het voorliggende inplantingsplan wordt er ten behoeve van het parkeren verharding voorzien voor de rooilijn. Dit is niet toegestaan. De invulling van het parkeren dient herzien te worden.

Conclusie: De korte termijnaanvraag met beperkte uitbreiding en herschikking van de activiteiten is verantwoord, mits naleving van volgende voorwaarden:

        een aanvraag tot omgevingsvergunning dient te voldoen aan de geldende provinciale en gewestelijke verordeningen omtrent hemelwater,

        een aanvraag tot omgevingsvergunning dient te voldoen aan de gemeentelijke parkeerverordening,

        er mogen geen verhardingen aangelegd worden voor de rooilijn, met uitzondering van de noodzakelijke breedte voor op- en afrit,

        er dient voldoende ruimte voorzien te worden voor het plaatsen van fietsen, inclusief cargo- en bakfietsen en dit nabij de inkom,

        met uitzondering van de toegang(en), dient de parking voorzien te worden van een niet-overrijdbare barrière van maximaal 75 cm hoog,

        de parking voor particulieren dient gebruik te maken van eenzelfde op- en afrit en heeft een maximale breedte van 7 m,

        een tweede toegang, bestemd voor zwaarder vervoer, personeel en opvang tijdens piekmomenten, heeft een maximale breedte van 10 m en dient te beschikken over een voldoende gedimensioneerd keerpunt zodanig dat alle verkeer voorwaarts de parkeerzone kan verlaten,

        de bijkomende aandachtspunten van de adviesinstanties zullen mee in overweging genomen bij de globale beoordeling van een aanvraag tot omgevingsvergunning.

 

  1. Standpunt met betrekking tot de ontwikkelingsmogelijkheden op lange termijn

        Alle doelstellingen binnen de voorliggende aanvraag tot planologisch attest betreffen doelstellingen op korte termijn. Het dossier bevat geen verdere doelstellingen op de lange termijn. De realisatie van de korte termijnsdoelstellingen dient te volstaan om het bedrijf te bestendigen op de locatie de komende jaren.

 

  1. Standpunt met betrekking tot de opmaak of wijziging van de plannen van aanleg of ruimtelijke uitvoeringsplannen.

        Artikel 4.4.26, §2, eerst lid van de VCRO stelt: “Op vraag van de houder van een planologisch attest dat het betrokken bestuursorgaan verplicht tot de opmaak of wijziging van een ruimtelijk uitvoeringsplan of een plan van aanleg, kan bij de aanvraag voor een omgevingsvergunning worden afgeweken van de vigerende stedenbouwkundige voorschriften”. Een vergunning met betrekking tot de kortetermijnsbehoeften die afwijkt van de geldende voorschriften is enkel mogelijk als er een attest wordt afgegeven dat de opmaak of wijziging van een ruimtelijk uitvoeringsplan in het vooruitzicht stelt. Een attest dat toelating geeft tot afgifte van een kortetermijnvergunning zonder een engagement tot planopmaak of planwijziging, is onwettig. Een kortetermijnvergunning die zich baseert op dergelijk attest, is onwettig.

        De gemeente engageert zich tot de opmaak van een ruimtelijk uitvoeringsplan binnen de geldende termijn waar de voorliggende site deel van zal uitmaken. Binnen dit ruimtelijk uitvoeringsplan zal aandacht zijn voor het bestaande onderscheid tussen de (para)-agrarische activiteit achteraan op de percelen en de kleinhandelsactiviteit vooraan. Dit onderscheid dient geïntegreerd te worden binnen de stedenbouwkundige voorschriften.

 

Conclusie

De voorliggende aanvraag tot planologisch attest wordt op basis van bovenstaande voorwaardelijk gunstig geadviseerd.

 

Financiële gevolgen

Het voorliggende stelt de opmaak van een ruimtelijk uitvoeringsplan in het vooruitzicht waarbinnen de voorliggende site opgenomen zal worden.

 

 

Bijlagen

        Aanvraag planologisch attest Bosmans NV

        Bijlage 6.3 en 6.4: inplantingsplan

 

Besluit

 

Stemming punt

eenparig

 

Artikel 1:

De gemeenteraad levert een gunstig planologisch attest af onder volgende voorwaarden:

        een aanvraag tot omgevingsvergunning dient te voldoen aan de geldende provinciale en gewestelijke verordeningen omtrent hemelwater,

        een aanvraag tot omgevingsvergunning dient te voldoen aan de gemeentelijke parkeerverordening,

        er mogen geen verhardingen aangelegd worden voor de rooilijn, met uitzondering van de noodzakelijke breedte voor op- en afrit,

        er dient voldoende ruimte voorzien te worden voor het plaatsen van fietsen, inclusief cargo- en bakfietsen en dit nabij de inkom,

        met uitzondering van de toegang(en), dient de parking voorzien te worden van een niet-overrijdbare barrière van maximaal 75 cm hoog,

        de parking voor particulieren dient gebruik te maken van eenzelfde op- en afrit en heeft een maximale breedte van 7 m,

        een tweede toegang, bestemd voor zwaarder vervoer, personeel en opvang tijdens piekmomenten, heeft een maximale breedte van 10 m en dient te beschikken over een voldoende gedimensioneerd keerpunt zodanig dat alle verkeer voorwaarts de parkeerzone kan verlaten.

 

Artikel 2:

De gemeenteraad belast het college om binnen de vereiste termijn een planologisch initiatief op te starten om de bestemmingswijziging te verankeren. Binnen dit ruimtelijk uitvoeringsplan dient aandacht te zijn voor het bestaande onderscheid tussen de (para)-agrarische activiteit achteraan op de percelen en de kleinhandelsactiviteit vooraan.

 

Artikel 3: Beroepsmogelijkheden voor de bevoegde overheid en de aanvrager.

        Schorsend administratief beroep van de deputatie of de leidend ambtenaar van het

departement.

Het beroep van de deputatie of de leidend ambtenaar van het departement wordt schriftelijk ingesteld binnen een termijn van dertig dagen, die ingaat de dag na de ontvangst van het afschrift van het planologisch attest. Een afschrift van het beroepschrift wordt bezorgd aan de houder van het planologisch attest en aan de deputatie, respectievelijk het college van burgemeester en schepenen. De Vlaamse Regering kan de houder van het planologisch attest en de provincieraad, respectievelijk de gemeenteraad, in staat stellen om schriftelijk hun zienswijzen te bezorgen, voor zover dat nodig wordt geacht voor een zorgvuldige feitenvinding. Als de Vlaamse Regering het beroep verwerpt, wordt de schorsing opgeheven en krijgt het planologische attest, zoals het werd afgegeven door het bevoegde bestuursorgaan, uitwerking. Als de Vlaamse Regering het beroep inwilligt, wordt het planologische attest vernietigd, en moet de provincieraad of de gemeenteraad opnieuw beslissen over de aanvraag tot planologisch attest, rekening houdend met de motieven voor de inwilliging van het beroep. De Vlaamse Regering verstuurt haar beroepsbeslissing met een beveiligde zending naar de houder van het planologisch attest en naar de deputatie, respectievelijk het college van burgemeester en schepenen. De beroepsbeslissing wordt verstuurd binnen een ordetermijn van zestig dagen, die ingaat op de dag na die waarop het beroep is ingesteld. Een afschrift van de beroepsbeslissing wordt aan het departement, respectievelijk de deputatie bezorgd.

        Beroep van de aanvrager.

Als u het als aanvrager van het attest niet eens bent met de beslissing over uw aanvraag, dan kunt u binnen 60 dagen na de ontvangst van het attest beroep aantekenen bij de Raad van State. U kunt de Raad vragen om de beslissing te vernietigen, en eventueel ook om ze in afwachting daarvan te schorsen. Stuur dat verzoekschrift ofwel met de post aangetekend naar de griffie van de Raad van State, Wetenschapsstraat 33, 1040 Brussel, of dien het in volgens de elektronische procedure. Meer informatie vindt u in de rubriek ‘E-procedure’ op de website van de Raad van State: www.raadvanstate.be. Op hetzelfde ogenblik moet u een kopie sturen aan de overheid die het attest heeft afgeleverd. Het verzoekschrift moet gedateerd en ondertekend zijn door uzelf of door een advocaat. U moet zowel uw gegevens duidelijk vermelden (naam, hoedanigheid, woonplaats of zetel), als die van de verwerende partij (de overheid die het attest heeft afgeleverd). U moet ook vermelden welke beslissing u aanvecht (het attest), wat de relevante feiten zijn, en op welke gronden u de beslissing aanvecht (rechtsmiddelen). U moet een kopie van het volledige attest als bijlage voegen. Als u uw verzoekschrift met de post verstuurd, moet u naast het originele verzoekschrift ook steeds drie eensluidend verklaarde afschriften van het verzoekschrift bezorgen, te vermeerderen met een afschrift voor iedere verwerende partij. Het procedurereglement voor beroepen bij de Raad van State vindt u op www.raadvanstate.be.

 

Artikel 4:

Het positief planologisch attest wordt samen met dit besluit van de gemeenteraad afgeleverd aan de aanvrager, de deputatie Vlaams-Brabant en het departement omgeving.

 

 

 

Publicatiedatum: 20/12/2024
Overzicht punten

Zitting van 26 november 2024

 

AANVULLEND REGLEMENT OP DE POLITIE VAN HET WEGVERKEER. GOEDKEURING INRICHTEN VAN DE SCHOOLOMGEVING DE WAAIER - PAARDENSTRAAT NAAR EEN SCHOOLSTRAAT DMV EEN BAREEL.

 

Voorgeschiedenis

        Gemeenteraadsbesluit van 22 september 2015 over een aanvullend reglement op de politie van het wegverkeer voor het instellen van bijkomende verkeersmaatregelen in de schoolomgeving van De Waaier.

        Gemeenteraadsbesluit van 26 januari 2016 over een aanvullend reglement op de politie van het wegverkeer voor het instellen van een parkeerverbod in de Egenhovenstraat.

        Gemeenteraadsbesluit van 28 november 2017: Aanvullend reglement op de politie van het wegverkeer. Instelling verkeersmaatregelen schoolomgeving de Waaier, Egenhovenstraat, Kerkstraat en Paardenstraat.

        Besluit van de burgemeester van 29 augustus 2022: Tijdelijke politieverordening op het wegverkeer. Goedkeuring maatregelen i.v.m. het inrichten van de schoolomgeving de waaier: schoolstraat.

        Besluit van de burgemeester van 9 februari 2023: Goedkeuring maatregelen i.v.m. het inrichten van de schoolomgeving de Waaier: schoolstraat.

        Gemeenteraadsbesluit van 27 juni 2023 over een aanvullend reglement op de politie van het wegverkeer ivm het inrichten van een schoolstraat dmv een mobiele C3 met onderbord "schoolstraat" op nadar aan de Paardenstraat na de inrit van de creche (rijrichting Slangenpoelweg) en aan de Paardenstraat na de inrit van het WZC (rijrichting Egenhovenstraat).

 

Feiten en context

        Ondanks verregaande inspanningen van zowel het gemeentebestuur als van de schooldirectie bleef de schoolomgeving in de Paardenstraat problematisch.

        In het verleden werden volgende maatregelen reeds genomen:

        De instelling van de schoolomgeving (zone 30)

        De instelling van het éénrichtingsverkeer

        De beperking van de parkeergelegenheid

        De aanleg van een fietssuggestiestrook

        De sensibilisering tot overschakeling naar zachte vervoersmodi

        De aanleg van een parkeerhaven op 150 meter van de schoolpoort

        Het inrichten van een schoolstraat dmv een mobiele C3 met onderbord "schoolstraat" op nadar.

        Gezien de voorgaande maatregelen geen soelaas brachten, werd er geopteerd om de schoolstraat met automatische barelen in te stellen in de Paardenstraat tussen de Egenhovenstraat en de inrit van het woonzorgcentrum.

        De mobiliteitscel en de politiezone Voer en Dijle gaven gunstig advies voor het plaatsen van een automatische bareel.

 

Juridische gronden

        Artikel 119 van de nieuwe gemeentewet

De gemeenteraad maakt de gemeentelijke reglementen van inwendig bestuur en de gemeentelijke politieverordeningen, met uitzondering van de tijdelijke politieverordeningen op het wegverkeer bedoeld in artikel 130bis. Deze reglementen en verordeningen mogen niet in strijd zijn met de wetten, de decreten, de ordonnanties, de reglementen en de besluiten van de Staat, de Gewesten, de Gemeenschappen, de Gemeenschapscommissies, de provincieraad en de bestendige deputatie van de provincieraad.

De raad zendt hiervan achtenveertig uren een afschrift aan de bestendige deputatie van de provincieraad. Een afschrift van die reglementen en politieverordeningen wordt dadelijk toegezonden aan de griffie van de rechtbank van eerste aanleg en aan die van de politierechtbank, waar zij in een daartoe bestemd register worden ingeschreven. Van die reglementen en verordeningen wordt melding gemaakt in het Bestuursmemoriaal van de provincie.

        Artikel 40, §3 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017

De gemeenteraad stelt de gemeentelijke reglementen vast. Met behoud van de toepassing van de federale wetgeving in verband met de bevoegdheid van de gemeenteraad om politieverordeningen vast te stellen, kunnen de reglementen onder meer betrekking hebben op het gemeentelijk beleid, de gemeentelijke belastingen en retributies, en op het inwendige bestuur van de gemeente.

        Decreet van 16 mei 2008 betreffende de aanvullende reglementen op het wegverkeer en de plaatsing en bekostiging van de verkeerstekens.

        Besluit van de Vlaamse regering van 23 januari 2009 betreffende de aanvullende reglementen op het wegverkeer en de plaatsing en bekostiging van de verkeerstekens.

        Omzendbrief MOB/2009/01 van 3 april 2009 over de gemeentelijke aanvullende reglementen op de politie over het wegverkeer.

        Wet betreffende de politie over het wegverkeer, gecoördineerd door het KB van 16 maart 1968.

KB van 1 december 1975 houdende het algemeen reglement op de politie van het wegverkeer "de wegcode".

        MB van 11 oktober 1976 betreffende de minimumafmetingen en de bijzondere plaatsingsvoorwaarden van de verkeerstekens.

        MB van 7 mei 1999 betreffende het signaleren van werken en verkeersbelemmeringen op de openbare weg.

        Artikel 6 van het Omgevingsvergunningendecreet van 25 april 2014.

Niemand mag zonder voorafgaande omgevingsvergunning of meldingsakte een project dat bij of krachtens de decreten, vermeld in artikel 5, is onderworpen aan vergunningsplicht of meldingsplicht uitvoeren, exploiteren of een vergunnings- of meldingsplichtige verandering eraan doen.

 

 

Bijlagen

        Bareel schoolstraat.

 

Besluit

 

Stemming punt

eenparig

 

Artikel 1:

In de omgeving van de vrije basisschool De Waaier aan de Paardenstraat te 3060 Bertem wordt een schoolstraat ingericht door middel van automatische barelen aan de Paardenstraat na de inrit van de crèche (rijrichting Slangenpoelweg) en aan de Paardenstraat na de inrit van het WZC (rijrichting Egenhovenstraat).

 

Artikel 2:

De weggebruikers zullen van deze regeling op de hoogte worden gebracht door middel van signalisatie: op de barelen wordt een verkeersbord C3 met onderbord "schoolstraat" geplaatst.

 

Artikel 3:

Dit besluit wordt van kracht op 1 december 2024.

 

Artikel 4:

Artikel 2 van het Gemeenteraadsbesluit van 27 juni 2023 wordt opgeheven.

 

 

 

Publicatiedatum: 20/12/2024
Overzicht punten

Zitting van 26 november 2024

 

AANVULLEND REGLEMENT OP DE POLITIE VAN HET WEGVERKEER. GOEDKEURING VERKEERSSIGNALISATIE NAAR AANLEIDING VAN HET INRICHTEN VAN PARKEERPLAATSEN VOOR AUTODELEN AAN DE N3 THV HUISNUMMER 481 (OUD STATION) TE 3061 LEEFDAAL.

 

Feiten en context

        Aan de N3 thv huisnummer 481 (Oud station) te 3061 Leefdaal werd recent een hoppingpunt ingericht.

        AWV plaatste een laadpaal voor 2 elektrische voertuigen.

        Stapin meldde dat er een conventie is om aan de N3 thv huisnummer 481 (Oud station) te 3061 Leefdaal twee deelwagens te plaatsen: een elektrische deelwagen en één deelwagen met ontploffingsmotor.

 

Juridische gronden

        Wet betreffende de politie op het wegverkeer gecoördineerd bij het KB van 16 maart 1968.

        KB van 1 december 1975 houdende het algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en het gebruik van de openbare weg.

        MB van 11 oktober 1976 houdende de minimum afmetingen en de bijzondere plaatsingsvoorwaarden van de verkeerstekens.

        Artikel 119 van de nieuwe gemeentewet
De gemeenteraad maakt de gemeentelijke reglementen van inwendig bestuur en de gemeentelijke politieverordeningen, met uitzondering van de tijdelijke politieverordeningen op het wegverkeer bedoeld in artikel 130bis. Deze reglementen en verordeningen mogen niet in strijd zijn met de wetten, de decreten, de ordonnanties, de reglementen en de besluiten van de Staat, de Gewesten, de Gemeenschappen, de Gemeenschapscommissies, de provincieraad en de bestendige deputatie van de provincieraad.
De raad zendt hiervan achtenveertig uren een afschrift aan de bestendige deputatie van de provincieraad. Een afschrift van die reglementen en politieverordeningen wordt dadelijk toegezonden aan de griffie van de rechtbank van eerste aanleg en aan die van de politierechtbank, waar zij in een daartoe bestemd register worden ingeschreven. Van die reglementen en verordeningen wordt melding gemaakt in het Bestuursmemoriaal van de provincie.

        Artikel 40, §3 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017
De gemeenteraad stelt de gemeentelijke reglementen vast. Met behoud van de toepassing van de federale wetgeving in verband met de bevoegdheid van de gemeenteraad om politieverordeningen vast te stellen, kunnen de reglementen onder meer betrekking hebben op het gemeentelijk beleid, de gemeentelijke belastingen en retributies, en op het inwendige bestuur van de gemeente.

        Decreet van 16 mei 2008 betreffende de aanvullende reglementen op het wegverkeer en de plaatsing en bekostiging van de verkeerstekens.

        Besluit van de Vlaamse regering van 23 januari 2009 betreffende de aanvullende reglementen op het wegverkeer en de plaatsing en bekostiging van de verkeerstekens.

        Omzendbrief MOB/2009/01 van 3 april 2009 over de gemeentelijke aanvullende reglementen op de politie over het wegverkeer.

 

 

Bijlagen

        Signalisatie deelwagens.

        stappin autodelen parkeerplaatsen N3.

 

Besluit

 

Stemming punt

eenparig

 

Artikel 1:

Aan de N3 thv huisnummer 481 (Oud station) te 3061 Leefdaal worden parkeerplaatsen voor het laden van elektrische voertuigen en voor autodelen ingericht:

        één laadplaats voor elektrische voertuigen

        één laad- en parkeerplaats voor een elektrische deelwagen

        één parkeerplaats voor een deelwagen met ontploffingsmotor.

 

Artikel 2:

De parkeervakken worden aangeduid met volgende signalisatie:

        het verkeersbord E9a met onderbord standaard of elektrische variant.

        Groene grondmarkeringen die de parkeervakken aanduiden.

De parkeervakken voor deelwagens worden bovendien aangeduid met:

        het blauwe onderbord autodelen.

        het bord met de wegsleepregeling met vermelding 'voorbehouden Stapp.in autodelen'

        een infobord waarop het gebruik van de deelwagen uitgelegd wordt.

 

Artikel 3:

Dit besluit treedt in werking op 1 december 2024.

 

 

 

Publicatiedatum: 20/12/2024
Overzicht punten

Zitting van 26 november 2024

 

MONDELINGE VRAGEN.

 

Juridische gronden

         Artikel 31 van het decreet lokaal bestuur
De gemeenteraadsleden hebben het recht aan de burgemeester en aan het college van burgemeester en schepenen mondelinge en schriftelijke vragen te stellen.
Voor het stellen van een vraag als vermeld in het eerste lid, is geen toegelicht voorstel van beslissing vereist.

         Artikel 12 van het huishoudelijk reglement van de gemeenteraad
Op het einde van de agenda van de openbare vergadering kunnen de raadsleden mondelinge vragen stellen over gemeentelijke beleidsaangelegenheden, die niet op de agenda van de gemeenteraad staan. Om het college van burgemeester en schepenen in staat te stellen om het antwoord op een mondelinge vraag voor te bereiden, bezorgen de raadsleden uiterlijk vijf kalenderdagen vóór de zitting de omschrijving van hun mondelinge vraag aan de algemeen directeur, die deze onmiddellijk bezorgt aan het college van burgemeester en schepenen en aan de voorzitter van de gemeenteraad. Op deze mondelinge vragen voor een zitting die later dan de vermelde termijn worden ingediend bij de algemeen directeur, wordt ten laatste tijdens de daaropvolgende zitting geantwoord.

         Artikel 33, §1 van het huishoudelijk reglement van de gemeenteraad
Een samenvatting van de mondelinge vragen en de antwoorden daarop worden opgenomen in de notulen. Loutere meldingen die geen vraagstelling over beleidsaangelegenheden bevatten, worden niet in de notulen opgenomen.

 

Mondelinge vragen

        Mondelinge vraag van raadslid Maria Andries (Groen)
"Op de gemeenteraad van oktober vroeg ik of het mogelijk was om de zeer diepe erosiegeulen op de veldweg Kleine Redelle (Koeheide) te herstellen. Ik kreeg hierop het antwoord dat men onderzocht hoe men dit grondig ging aanpakken. Ik vermeldde dat men zeker ook moest kijken naar de oorzaak van de erosie; het herstel van een dijkje iets hogerop. 
Ondertussen heeft men de herstelwerken uitgevoerd, maar de oorzaak is niet weggenomen. Ik wou op deze gemeenteraad waarschuwen dat het niet lang zou duren of de situatie zou zich herhalen.  Spijtig genoeg zijn er op dinsdag terug zeer diepe erosiegeulen ontstaan (zie bijgevoegde foto’s).  Het heeft wel fel geregend, maar het was zeker geen wolkbreuk. Nieuwe werken zijn nodig en ik hoop dat men nu wel eerst de oorzaak aanpakt.

Burgemeester Joël Vander Elst antwoordt dat de diensten van de gemeente samen met IGO ter plaatste zijn geweest. Hij bevestigt dat er voorlopige herstelmaatregelen werden uitgevoerd gezien de gevaarlijk toestand ter plaatse. Eerstdaags is een nieuw plaatsbezoek voorzien met de erosiecoördinator van de provincie Vlaams-Brabant aangesteld voor de gemeente Bertem.

Maria Andries repliceert dat de oorzaak van de erosie niet moeilijk te achterhalen is: er zijn gaten in de hogerop gelegen betonnen plaat die toelaten dat water met grote kracht naar beneden stroomt bij regenbuien.

De burgemeester verwijst naar de experten die de zaak grondig zullen onderzoeken en met medewerking van IGO zal in 2025 een structurele oplossing uitgewerkt worden.

 

        Mondelinge vraag van raadslid Jan Dekeyzer (CD&V)
Wat is de situatie momenteel en het actieplan om de rust te herstellen in de wijk Hofakker & omgeving. Er zijn redelijk wat politie interventies geweest.

Burgemeester Joël Vander Elst antwoordt dat er afgelopen weken inderdaad incidenten geweest zijn in de wijk. De oorzaak van de onrust was een burenruzie. De situatie is daarna geëscaleerd met bestuurlijke en gerechtelijke aanhoudingen tot gevolg. Er werd gekozen voor een geïntegreerde aanpak van de problematieken in de wijk via een zgn. 'hotspot' om specifieke problemen binnen een afgebakende omgeving te benaderen en analyseren. De burgemeester heeft een delegatie van de wijk ontvangen. Een vertegenwoordiger van de politie (officier) en een vertegenwoordiger van de woonmaatschappij Woontrots was daarbij aanwezig. Op deze vergadering werd een toelichting gegeven over de stand van zaken. Er werd gekozen voor een actieplan op basis van overleg en dialoog. De burgemeester wil de politie zijn werk laten doen en dit lijkt momenteel te werken want sinds 16 november ll. zijn er geen nieuwe meldingen van overlast meer geweest. De betrokken officier blijft in overleg gaan met de buurtbewoners en de interventieploegen blijven in parallel patrouilles uitvoeren.

Raadslid Joris Fonteyn (NVA) betreurt een initieel te lichtzinnige benadering door de politie van 'kwajongensstreken' dixit de korpschef.

De burgemeester wenst geen oordeel te vellen over de uitspraken van andere personen. Hij benadrukt wel dat de situatie vanaf de eerste dag ernstig werd genomen door de politiediensten en dat hij dit kan vaststellen op basis van de dagelijkse interventierapporten.  Het betreft ook een moeilijke wijk om te interveniëren omdat de twee deelwijken via een andere weg bereikbaar zijn. Het wegnemen van de oorzaken van de onrust is een werk van lange adem. Wel is het zo dat op relatief korte termijn door het actieplan van de dialoog sinds 2 weken de rust is weergekeerd.

 

 

 

Publicatiedatum: 20/12/2024
Disclaimer

Publicatie LBLOD

De applicatie "Meeting.burger" helpt lokale besturen bij het aanmaken, annoteren en publiceren van agenda's, besluiten en notulen volgens het principe van gelinkte open data.

Wanneer een publicatie wordt uitgevoerd, wordt er een expliciete "bundel" van het document opgeslagen. Op dat moment is het document inhoudelijk niet meer aanpasbaar door de gebruiker. Deze "bundel" bestaat uit:

Al deze gegevens staan op een aparte publicatie omgeving die beveiligd toegankelijk is voor een beperkt aantal personen.